Draadjesvlees uit 1920

Mijn oma van vaders kant was een struise Amsterdams volksvrouw. Stevig van postuur, stevig van taalgebruik en stevige maaltijden bereidend. Ze had ook een volkstuin, samen met opa. Wat ze daar verbouwden moést gegeten worden, ‘we planten het niet voor Jan ***’ zei ze steevast als we wéér eens bruine bonensoep voorgeschoteld kregen. Niet dat het niet lekker was, maar wel vaak en veel.

Over haar draadjesvlees hoorde je nooit iemand klagen. Dat kon eenvoudig niet te vaak of te veel. Eén van haar geheimen was heel lang stoven op een heel laag pitje van het petroleumstel. Kwam je het huis binnen en je rook de petroleumgeur, dat wist je het al; draadjesvlees!

In een poging om die sfeer en die smaak te reproduceren maak ik met de door haar gebruikte ingrediënten draadjesvlees. Alleen de geur van de petroleum is er niet bij. Dat levert de slowcooker niet.

De bereiding heb ik van oma overgenomen, hoewel ik het vandaag de dag anders zou doen.

Ingrediënten
1 kg sukade- of doorregen runderlappen; 1 el ghee, 3 plakken ontbijtkoek; appelstroop; 2 middelgrote uien; boter (eventueel met wat olijfolie); grove mosterd; 2 laurierblaadjes; 5 kruidnagels; 500 ml runderbouillon; zout / peper

Verwarm de ghee in een grote pan met dikke bodem. Wrijf het vlees in met wat zout, de peper en de mosterd (mosterd mag wat aan de ruime kant zijn) en braad het rondom bruin. Voeg daarna de (warme of hete) bouillon en een glas rode wijn toe. Voeg de in stukken gesneden ui, de laurierblaadjesu, de kruidnagels en twee flinke eetlepels appelstroop toe. Verkruimel tot slot de plakken ontbijtkoek boven de pan
Als alles in de slowcooker is overgebracht, zorg dat het vlees helemaal ondergedompeld is. Laat het geheel stoven voor een uurtje of 8 tot 12 uur op ‘Laag’.

Omdat oma de pan op een petroleumstel bereidde, moest er regelmatig gekeken worden of er genoeg vocht in de pan zat en er moest geroerd worden. Elke keer als oma in de pan keek, nam ze een slokje wijn. Want ‘wijn ken je niet lang bewaren. Dan wordt het zuur’. Dus keek ze regelmatig in de pan.

Oja, oma maakte het draadjesvlees altijd een dag van te voren, nog lekkerder.

Heb je het recept gemaakt of heb je een vraag? Laat het in de reacties weten! 

Draadjesvlees uit 1920

Bokkenstoof op z’n Grieks

De Griekse Keuken, of in ieder geval de stijl van de Griekse Keuken, is mij op het lijf geschreven. Niet alles afwegen, maar gewoon uit het vrije handje strooien, schenken en bijvoegen. De ingrediënten grof gesneden, eventueel te gebruiken vlees liever in grote stukken dan in nette blokjes van een bepaalde maat. Natuurlijk met in het achterhoofd wat het uiteindelijke resultaat van de kokerij moet zijn of gewenst is. Een voordeel is dat de voorbereiding niet al te veel tijd neemt. Als ik op Lesbos zou wonen, zat ik snel (weer) in de zon voor mijn woning –of op een terrasje- met een glas Retsina en wat Metzes. Het leven is aangenaam.

In het kader van ‘Red een bok’ kom ik op het volgende recept. Hé, moeten bokjes gered worden? Yes, vanwege de populariteit van geitenmelk, geitenkaas en geitenyoghurt zijn er meer geiten nodig. Bij elke worp van moedergeit is een derde tot de helft een bokje. Die kosten de boer alleen maar en leveren niets op. Na enkele weken worden de bokjes geslacht en naar het buitenland gebracht. Kortom, geen bokwaardig bestaan. Om deze bokjes een beter leven te gunnen is het nodig om in Nederland meer bokkenvlees te bereiden en te eten. Op de website van de Bokkenbunker staat het hele verhaal.

Ingrediënten
1 tot 1,3 kg bout van de bok; 4 bollen solo-knoflook; 10 – 15 cocktailuitjes (Oignon Saucier), nadrukkelijk vers; 1 zoete aardappel; 2 stengels bleekselderij; 2 eetlepels tomatenpuree; 300 ml droge rode wijn; een scheut rijstolie; 2 eetlepels rode wijnazijn; !/2 liter groentebouillon; oregano; tijm; rozemarijn; kruidnagel; laurierbladen; zout en peper indien gewenst.

We (Het majesteitelijk ‘Wij’, want ik kook in m’n eentje) bereiden deze stoofpot op zijn Grieks, dat wil zeggen; grote stappen snel thuis. Prettig is overzicht te hebben.

Ik snijd de bleekselderij in stukken, de knoflook in vieren en de zoete aardappel in stukjes. Ik zet de oregano, tijm, rozemarijn, de laurierbladen en de kruidnagel klaar. Ik gebruik zoveel mogelijk verse kruiden. De hoeveelheden van elk kruid bepaal ik op de geur. Kruiden bijvoegen, ruiken en eventueel aanpassen tot je zegt ‘ja dit is hét.

Het vlees altijd even droogdeppen om daarna in een braadpan aan te braden in een forse scheut rijstolie tot de bouten mooi lichtbruin zijn. Niet alle bouten passen bij mij tegelijk in de pan, dus het aanbraden gaat in gedeelten.

Nadat alle bouten aangebraden zijn, mogen de knoflook, sjalotten, zoete aardappel en de bleekselderij in het achtergebleven braadvet. Nu komt het meest inspannende deel van de bereiding: onder constant roeren voegen we de tomatenpuree toe om het even mee te bakken. Na een minuut of wat gieten we de wijn en wijnazijn bij het baksel en koken net zo lang dat het vocht bijna ingekookt is.

De kruiden en het vlees kunnen alvast in de slowcooker. Als het zover is dan de overige ingrediënten overbrengen in de slowcooker. De laatste stap is het toevoegen van de bouillon en de timer op 7 uur zetten, uiteraard op ‘Laag’. Een uurtje langer kan geen kwaad.

Grieken eten bij de bokkenstoof graag een boerensalade en gebakken aardappels of rijst. En natuurlijk een stevig glas Retsina.

Tomatensoep met geroosterde ingrediënten

Regelmatig vraag ik aan mijn huisgenoten welke soep zij de volgende week willen. Antwoord van onze superpuber; ‘Tomatensoep, maar niet diezelfde’. ‘Goed, wat wil je anders?’. ‘Nou, gwoon je weet wel’. ‘Nou nee, ik weet niet’. Geen antwoord verder, dus zelf maar verzinnen wat dat ‘anders’ dan zou moeten zijn.

Ik kom uit op tomatensoep met geroosterde cherrytomaten, paprika en veel sjalotjes (ongeveer 6 tot 8). Bij de bereiding van dit recept komt ook de oven te pas. Verder een paar snijplanken, een scherp mes, slowcooker, staafmixer, bakpapier.

Ingrediënten
500 gram zoete cherrytomaatjes; 370 gram tomatenblokjes; 1 rode paprika; 3 bollen solo-knoflook; 5 *sjalotjes; 500 ml groentebouillon; tijm, oregano; 2 laurierblaadjes; olijfolie; zout en peper naar wens en smaak; eventueel Ahornsiroop. Eventueel 300 gram rundergehakt voor gehaktballetjes.

De oven kan alvast voorverwarmd worden op 220 graden. Men neme een bakblik en bekleed deze met bakpapier.

De cherrytomaatjes –na goed wassen- in tweeën. De knoflookbollen in vieren, als de bollen groter zijn in achten. De sjalotjes kunnen door de helft. De paprika flink afborstelen met water. De paprika mag in wat brede reepjes gesneden worden.

In het bakblik een stevige scheut olijfolie en de gehalveerde tomaten, tomatenblokjes, sjalotpartjes, paprikaslierten, knoflookpartjes, tijm en oregano in de hoeveelheid naar believen en de laurierbladjes deponeren. Nog wat olijfolie over de verzamelde ingrediënten en de bakplaat in de oven schuiven. Deurtje dicht en zo’n 30 minuten op 220 graden zijn (of is het ‘haar’) gang laten gaan.

Ondertussen kan van het gehaktballetjes gedraaid worden. We hebben ze voorlopig niet nodig, maar dan is het maar gedaan. De balletjes kunnen in een bakje bewaard worden in de koelkast. We hebben ze pas over een uurtje of 5 – 6 nodig. Bij een beetje langzaam balletjes draaien in inmiddels het half uur oventijd voorbij. Laat je de gehaktballetjes weg, dan is het recept vegetarisch

De slowcooker is aan de beurt. De inhoud van de bakplaat kan voorzichtig in de slowcookerpan gedaan worden. Hierbij zijn ovenwanten wat onhandig maar beslist noodzakelijk. Tenslotte is 220 graden wat aan de warme kant voor de handen. Zit alles behalve het bakpapier in de slowcooker, kan de pan gevuld worden met een halve liter groentebouillon. De instellingen van de slowcooker op ‘Laag’ voor een uurtje of 6.

Een uur voordat de slowcooker het eindsignaal bereikt kan het tot soepballetjes omgevormde gehakt voorzichtig in de pan worden gedaan met eventueel een handje vermicelli (maar niet te veel). Nog een uurtje en er kan gegeten worden.

Opgediend in een soepkom is een lepel hennepzaad of een scheutje room aangenaam. Vindt je de soep te tomaterig, dan doet een scheutje ahornsiroop wonderen. Ik doe er geen zout of peper in, dat doet iedereen voor zichzelf en eigen smaak.

Tomatensoep met geroosterde ingrediënten

Stoofperen zoals deze bedoeld zijn

Wie kent ze niet als bijgerecht, dessert of soms zelfs als maaltijd? Honderden manieren om stoofperen te maken. Vooral populair is het toevoegen van rode wijn, rode bessensap of andere toevoegingen. Om de échte smaak van de peren te proeven houd ik dit recept erg makkelijk en basic met als hoofdingrediënt: stoofperen. Want waarom allerlei dingen toevoegen, als het om de smaak van stoofperen gaat?

Neem de aantallen niet al te serieus, koken is geen exacte wetenschap.

Ingrediënten: tussen de 1 en 2 kilo Gieser Wildeman
2 kaneelstokjes, 1 tot 2 eetlepels honing.

Het zal u niet verbazen als de peren eerst geschild moeten worden. Ik laat de peren heel. Nu kunnen de peren in de slowcooker samen met water. De peren moeten nét onder water staan. De overige ingrediënten toevoegen. Let op, bij één kilo peren de lage aantallen en bij twee kilo peren de hoge aantallen uit de ingrediëntenlijst gebruiken.

De pan mag aan -natuurlijk op ‘Laag’ en het geduld wordt op de proef gesteld. In de basis zal een uurtje of zes voldoende zijn. Een uurtje meer kan geen kwaad. Gebruikt u de maximale aantallen ingrediënten, kunnen we rustig naar de acht uren op ‘laag’ gaan. Ondertussen kunnen we die dingen doen die we belangrijk vinden.

Zijn de stoofperen eenmaal klaar kunnen we ze dienen als dessert –al dan niet met ijs- of bijgerecht. Zowel warm als koud. Onze jongste vindt stoofperen zo lekker dat hij zijn maaltijd er mee doet.

Stoofperen zoals deze bedoeld zijn

Vega Broccolisoep met hennepzaad

Laatst kwam ik op internet dit recept tegen:
Snelle en gezonde broccolisoep in 20 minuten klaar!

Ingrediënten: Scheut olijfolie; 2 sjalotjes, gesnipperd; 2 tabletten voor groenteboullion; 500 gr broccoli; 2 eetl creme fraiche en
Verse bieslook.

Bereiding
Verhit de olie in een soeppan. Fruit de sjalotjes 2 minuten. Voeg 1 liter water toe en breng aan de kook. Snijd de broccoli in roosjes en voeg samen met de bouillontablet toe aan het water en laat 10 min koken. Pureer de soep met een staafmixer glad. Roer de lepel creme fraiche en wat verse bieslook er door.

Zo ga ik het dus niet doen. Nooit ‘snel’ en zeker geen bouillonblokjes! Ik kan het steeds weer niet geloven dat er receptmakers zijn die zweren bij gezond, tippelen op zoveel mogelijk bio (uit de supermarkt, want dat is makkelijk) en tóch bouillonblokjes gebruiken.

Ingrediënten
750 gram broccoli; 1 prei; 1 courgette; 2 aardappelen; 4 sjalotjes; 4 bollen soloknoflook; 2 liter groentebouillon; 250 gram kruidenroomkaas (optioneel), peper en zout; hennepzaad naar keuze en smaak. De ingrediënten komen van de markt en zijn bio (voor zover bio echt bio is)

En zo ga ik de soep bereiden, rustig op m’n gemak en vooral slow. Zoals gebruikelijk neem ik de groentebouillon uit mijn voorraad. Voor de bouillon kan je soepgroenten gebruiken of een eigen mengeling van allerlei groenten verzinnen. Dat laat ik dit keer aan je eigen fantasie over. Als ik soepgroenten gebruik is het altijd de Tuinkruiden Soepgroenten van A.H. Vers in koelvak in een zakje van 250 gram. Lekker veel verschillende groenten. VL is allergisch voor o.a. wortel en dat zit niet in deze soepgroenten.

Nodig zijn een scherp mes, een snijplank, staafmixer en de slowcooker. Lekker weinig afwas. De courgette en de aardappelen spoel ik af met baking soda vanwege de ongewenste spuiterijmeuk. De courgette schillen en in stukken snijden. Ook de aardappelen (ik heb nog wat krieltjes over, dus gebruik ik die) en de broccoli in stukken snijden en wassen. Dit hoeft niet in kleine stukjes, mag wat forser zijn. Ik gebruik de hele broccoli, dus ook de stronk. Onverschrokken in stukken snijden.

Alles wat gesneden en gewassen is kan alvast in de slowcooker. De sjalotjes en de knoflook in vieren of achten snijden en bij de rest in de slowcooker deponeren. De titel zegt dat het een vega soep gaat worden. Van die uitspraak heb ik nu al spijt. Ternauwernood kan ik mij bedwingen en beheersen om spek te gebruiken. Ik doe het toch niet!

Als het goed is zijn de roomkaas en het hennepzaad nog ongebruikt. Dat kan de komende uren zo blijven. Verder met de pan. Nu alle gesneden spullen keurig in de slowcooker liggen, kan de groentebouillon erbij. Voorzichtig twee liter in de pan gieten, dat houdt het fornuis schoon. En dat scheelt weer schoonmaakwerk. De pan instellen op ‘Laag’, de timer op 6 uur, deksel op de pan en z’n gang laten gaan. Het helpt als de stekker in het stopcontact zit.

Na zes uren gaat een gezellig belletje; de soep is gaar en bijna klaar. De pan op een makkelijk bereikbare plaats op het aanrecht zetten en de soep pureren tot en grofgladde soep. Tijdens het pureren voorzichtig de kruidenroomkaas naar smaak toevoegen. Ik gebruik zo’n 200 gram. De soep mag nog een beetje doorwarmen. Dat is makkelijk in de slowcooker. Die blijft nog lange tijd lekker warm. De stekker mag uit het stopcontact.

Tijdens het serveren met een gracieus gebaar een halve tot een hele eetlepel hennepzaad over de soep strooien. Nu zijn alle ingrediënten gebruikt en de soep klaarl.

Vega Broccolisoep met hennepzaad

Originele Stifado met een twist

Ook στιφάδο (stifado) koken we zoveel mogelijk origineel, maar wel met enige aanpassingen omdat we dat lekkerder vinden. De Griekse ingrediënten kochten we bij De Smaken van Griekenland.

De originele beschrijving is geplaatst op OHIMP

Ingrediënten
1 kilo rundvlees; 2 rode ui; 4 bolletjes soloknoflook; 1 kartonnetje tomatenblokje; 1 blikje tomatenpuree; potje zilveruitjes; 1 grote pot kleine Amsterdamse uien; 1 el ghee, 2 kaneelstokjes; 150 ml rode wijn; ½ dl rode-wijnazijn; 3 laurierblaadjes; Bachari Piment naar smaak, maar best wel een volle eetlepel;
versgemalen zwarte peper en zout naar smaak; ½ kop fijngesneden peterselie.

Enkele suggesties voor het te gebruiken vlees: sucadelappen, riblappen, spinnenkop, ezeltje, schenkel. Geitenlamsvlees (bokjesvlees) of lamsvlees is ook heel geschikt. Wij gebruiken bij voorkeur spinnenkop.

In de Griekse keuken worden de te snijden onderdelen grof gesneden, na eerst van de schil ontdaan te zijn. In een stevige braadpan gaat een stevige guts olijfolie (ik gooi er altijd een stukje ui in zodat ik zie wanneer de olie goed op temperatuur is).

Is het stukje ui aan sputteren dan is de olie op temperatuur en kunnen de blokjes vlees in de pan. Even wat lichtbruin aanbraden, de ui en knoflook toevoegen en bakken tot deze glazig zijn. Dan voeg ik de tomatenpuree toe. Even meebakken. Nu we zo lekker bezig zijn kan naar eigen smaak de Bachari Piment op het prutje gestrooid worden. Ik gebruik een ruime eetlepel (met kop) Bachari. Op dit punt gekomen een scheut rode wijn en ongeveer twee eetlepels rode-wijnazijn bijschenken. Tot slot de tomatenblokjes toevoegen.

Nog even op middelmatig vuur stoven en goed mengen voordat we de slowcooker vullen. Als het goed is hebben we over; de Amsterdamse uien en de zilveruien, de kaneelstokjes, zout en peper, laurierblaadjes en de peterselie.

Als de inhoud van braadpan in de slowcooker is overgegoten, kunnen de Amsterdamse uien en de zilveruien, de kaneelstokjes, zout en peper en de laurierblaadjes ook in de slowcooker. De timer kan op zes of zeven uur en de standinstelling op ‘Laag’. Zo’n half uurtje voor het dat de Stifado klaar is kan de peterselie in de pan en even goed doorroeren.

Zeer smakelijk bij de Stifado is een Griekse salade (Χωριάτικη)

Ingrediënten
5 grote tomaten; 1 kleine rode ui; wijnazijn; een guts olijfolie; fetakaas, verkruimeld (Eridanous feta bij Lidl); ½ komkommer; 1 rode paprika; Griekse olijven *; 1 ½ theelepel oregano * (optioneel)

In een Griekse salade zie ik de tomaten, paprika en komkommer graag grof gesneden, de Feta in ruime mate ‘verkruimeld’, maar wel forse kruimels. De ui zie ik graag in zo dun mogelijke ringen. Alles, dus ook de Feta en de olijven in een ruime kom deponeren en goed door elkaar husselen. Eenmaal goed gemengd een forse scheut olijfolie en iets minder wijnazijn over de salade. De olijfolie en wijnazijn op gevoel, naar eigen inzicht en smaak. Gecombineerd met ciabatta of Turks brood is het smullen.

Hollandse Bananensoep

Soms is het leuk om de kinderen te laten schrikken als het om eten gaat. ‘Wat eten we’, is steevast de vraag zo rond een uur of zes (18.00 uur voor de preciezen onder ons). Doe eens gek en roep ‘bananensoep’ in de verwachting allerlei afwijzende kreten te horen. Maar…..’dat lijkt me lekker’ was de algemene stemming. Nou, daar zit ik aan vast; bananensoep.
Er zijn natuurlijk weer heel veel variaties mogelijk. Van ‘ingewikkeld’ (veel ingrediënten) tot ‘eenvoudig’ (weinig ingrediënten). Het mooiste recept vind ik dat van restaurant De Gouverneur op Curaçao. Om dat te proeven moet je daar even langs gaan. Ik houd het op de eenvoudige ‘Hollandse’ uitvoering. (wat er ‘Hollands’ is aan mijn recept weet ik niet, behalve dat het eenvoudig is).

Bouwpakket ‘Hollandse’ Bananensoep
1,5 tot 2 liter water; 250 gram soepgroenten (bleekselderij, prei, broccoli, bladselderij, bieslook, peterselie, kervel) In een handig zakje bij AH onder de naam ‘tuinkruiden soepgroenten’).

Fabriceer in 6 uren groentebouillon van het water en de tuinkruiden in de slowcooker op standje ‘laag’. Omdat we de soep vegetarisch en glutenvrij houden doen we er geen vlees of spek bij. Ik maak de bouillon altijd ‘in voorraad’ of een dag voordat ik de soep in elkaar ga zetten.

Nu de bouillon klaar is en klaar staat voor gebruik in de bekende glazen liter fles van o.a. Flevosap, is het tijd om het bouwpakket van de bananensoep in elkaar te zetten. Nodig zijn een scherp mes, een zeef, een houten spatel, een theelepel, een dunschiller (optioneel), een koekenpan en niet te vergeten een slowcooker.

Voor de soep bestaat het bouwpakket uit:
4 bananen
4 sjalotjes
2 aardappelen
1 rode peper, 1 groene peper
stukje (1,5 cm) verse gemberwortel
2 kaneelstokjes
1 theelepel currypoeder (of kerrie)
kurkuma
zout
olie
250 tot 300 ml kokosmelk

Pel de en snij de sjalotjes klein; schil de aardappelen en snijd in blokjes; snijd de bananen in plakjes; was de pepers, verwijder de zaden en snijd ze fijn; schil een stukje gember (1 tot 2 cm) en snipper het fijn; fruit de sjalotjes gedurende 1 minuut in wat olie in de koekenpan en voeg dan de gember en peper toe glazig; voeg de laatste minuut ook de currypoeder toe en meng goed; voeg alle ingrediënten -met uitzondering van de kokosmelk- toe in de slowcooker. Laat de slowcooker, afhankelijk van de hoeveelheid bouillon, zo’n 5 tot 6 uur zijn gang gaan op standje ‘laag’. Verwijder de kaneelstokjes en pureer daarna de soep met een staafmixer; voeg tijdens het pureren de kokosmelk naar smaak toe, evenals zout en kurkuma naar smaak en inzicht.

Bonen-Erwten-Linzensoep

Het is moeilijk om een keus te maken tussen bonensoep, erwtensoep of linzensoep. De meeste recepten met de afzonderlijke ingrediënten zijn aangenaam tot heerlijk. Soms wat ‘gewoontjes’ en algemeen. Erwtensoep in alle variaties blijft erwtensoep. Zo ook met linzensoep en bonensoep.

Wat nu als ik alle recepten door elkander gooi en een bonen-, erwten- en linzensoep ineen fabriceer? Nu ik besloten heb om een mix te maken van verse ingrediënten, maak ik eerst een groentebouillon van bleekselderij, prei, broccoli, selderij, bieslook, kervel en peterselie. (het gebruik van die zogenaamde ‘makkelijke bouillonblokjes’ is uit den boze. Dan kan je net zo goed een standaardsoep van Unox of een ander supermarktmerk kopen). Om de bouillon pittiger te maken denk ik er aan om één rode peper mee te laten koken. Dit keer geen knoflook of ui. De verhouding tussen de verschillende groenten is gelijk. Dit kan minutieus gewogen worden tot er gelijke delen zijn bereikt (ongeveer 250 tot 300 gram in totaal). Ik doe het veel meer op het oog, gevoel of intuïtie (als gevoel en intuïtie mannen gegeven is). Alle groenten hak en snij ik in kleinere stukjes en was alles.

Omdat alles toch in één pan gaat, kunnen alle ingrediënten gelijktijdig worden gewassen. Alles in de SlowCooker met een liter of twee water op ‘Laag’ 5 uur z’n gang laten gaan. Het is geen bezwaar om deze kooktijd te verlengen tot 8 uur of langer, maar dat is minder nodig of nuttig. Slowcooken is mooi, maar mag niet te veel tijd kosten. Altijd de deksel op de SC laten en roeren hoeft niet. In het begin een kwestie van zelfdiscipline en beheersing. Eenmaal klaar bewaren we de –afgekoelde- bouillon in glazen flessen. Op één of andere manier vind ik de glazen literfles van (appel- of perensap) o.a. Flevosap ideaal om bouillon tijdelijk te bewaren.

Kippensoep tegen griep

Kippensoep tegen griep

Onze slowcooker heeft naast een culinaire taak ook een hulpverlenende. Zo ook dit weekend. Drie van de vier in ons gezin hebben akelige zware hoestaanvallen. Dan komt de hulpverlener in de slowcooker tot leven. Taak: maken van een medicinale kippensoep tegen griep. Heftige hoestaanvallen eisen een heftige soep.

Ingrediënten zijn wat overdreven, maar noodzakelijk voor een snel herstel.

Ingrediënten
2 stokken prei
1 vette kip (1,2 kg ongeveer)
2 middelgrote uien
3 bollen soloknoflook
1 grote zoete aardappel
3 blaadjes laurier
bosje peterselie
drie rundermergpijpjes (350 gr)
peper, zout en vermicelli naar eigen inzicht

Voor een meer pittige soep, voeg 1 cm gember in stukjes toe. Voor een mooie donkere bouillon, gebruik de uien mét schil.

Schil, snij en was wat te schillen, snijden en wassen is (grof snijden) en leg het in de slowcooker. (Een halve prei achter houden) Snij de kip in stukken en leg het op de groenten, ui, knoflook en de rest. De mergpijpjes er gezellig naast. De pan verder vullen met water.

Vanwege het spoedeisende karakter maar op ‘hoog’ gezet voor 5 uur. (om alle gezonde stoffen uit de kip te halen kan je de soep 8 tot 12 uur laten trekken op ‘Laag’.

Dan alle ingrediënten er uit vissen, de groenten kunnen in de kliko. De kip uit elkaar pluizen en terug in de pan, net als het merg uit de mergpijpjes.
De overgebleven prei klein snijden en in de pan. Naar eigen inzicht vermicelli, peper en zout toevoegen.
Nog een uurtje op ‘laag’ en klaar is de soep. Ieder een stevige kom vette kippensoep en het herstellen kan beginnen.

Om een snel en volledig resultaat te halen is het aan te bevelen ook deze verkoudheidsdrank regelmatig te drinken. Bij een gevoelige keel helpt gember op siroop, stemgember ook.

Kippensoep tegen griep

Stoofschotel van poldergans

Er zijn dieren die onbeheerd een plaag vormen. De herten bij Aerdenhout, poldergans. Het zijn er veel tot zeer veel en goed bereid gewoon lekker. Niet bejagen levert dierenleed op en ons geen vlees in de pan. Te vaak kopen mensen in de winkel ‘gefokt vlees’, vlees van dieren dat speciaal gekweekt en/of gefokt worden voor de consumptie. De leefomstandigheden van deze beesten lijken over het algemeen redelijk tot goed, als je alle keurmerken tenminste mag geloven. Maar of de gefokte dieren ook ‘wild’ mogen heten?

Varkensvlees gebruik ik zo weinig mogelijk (ik heb eens tijdens een wandelvakantie een half uurtje voor een slachtfabriek gezeten in het oosten des lands. Het gegil van de aangevoerde varkens ging werkelijk door merg en been. Zij wísten wat er ging gebeuren. Maar goed, soms moet er echt wel een stukje spek in het gerecht van het moment, het zij zo).

Vandaag heb ik mijn zinnen gezet op wilde gans in een stoofschotel van poldergans. Voorwaarde is wel dat het dier eerlijk geschoten is en bij voorkeur niet al te veel vlieguren heeft gedraaid. Een eerlijke gans is gelukkig bij mij ‘om de hoek’ te koop.

Een waarschuwing is op zijn plaats. Wilde gans is een taaie vlieger. Het vlees is mager, dus het gevaar van te ver doorbraden ligt op de loer. Gans bereiden is een avontuur.

Ingrediënten voor het slowcooker recept met gans
1 kilo gans; 250 gr gerookt spek; 1 rode peper; 250 gr paddenstoelen; 3 rode uien; 200 gram prei; 6 bollen soloknoflook; 2 pijpjes tripel; tijm; koriander; twee groene appels; zout en peper;en een groot glas droge witte wijn.

Bereiding slowcooker recept met gans
Hoewel ik bij het gebruik van de de slowcooker geen voorstander ben van vlees aanbraden, ui en knoflook fruiten enz. wijk ik nu wel af van mijn overtuiging.

Snijd het vlees in grote dobbelstenen; de knoflookbollen in achten; het spek in kleine dobbelsteentjes; de uien in ringen; de paddenstoelen in niet te kleine stukjes; de rode peper door midden (gebruiken met alles erop en eraan). De prei in kleine stukjes snijden (niet vergeten te wassen). De appels schillen en in kleine blokjes snijden.
Tijdens de voorbereidingen is het belangrijk af en toe een slokje van de droge witte wijn te nemen.
Braad in een pan met wat olijfolie (van het betere soort, online te bestellen bij De Smaken van Griekenland) de spekblokjes en het vlees aan. De paddenstoelen, uiringen, knoflook en de rode peper in de pan en meebakken. Tot slot de prei er bij en nog even laten bakken, maar niet te lang. Neem ook nu af en toe en slok witte wijn. Een tweede glas wijn is optioneel, maar zeker aan te raden.

Nu komt de slowcooker in bedrijf. Deponeer alles vanuit de braadpan in de SC. Nu mogen ook de appels het overige gebraad gezelschap houden in de SC. De pijpjes tripel er voorzichtig bijgieten. Bij voorkeur NIET direct op het vlees. Een uurtje of 5 tot 8 op ‘laag’ tot het ganzenvlees uitbundig zacht en mals geworden is. Vanwege de witte wijn maak ik dit gerecht bij voorkeur later op de dag, maar zo dat er om uiterlijk 21.00 uur gegeten kan worden. Het is wel aan te raden het pepertje uit het gerecht te vissen.

Erg prettig te combineren met aardappelpuree of een pureecombi van aardappel en knolselderij. Liefhebber van de gestampte pot moéten dit eens proberen met stamppot boerenkool.

Stoofschotel van poldergans
Geverifieerd door ExactMetrics