Romeinse Maaltijden op een dag

Al een tijdje ben ik geïnteresseerd naar de oorsprong van veel hedendaagse recepten en gewoonten als tafelmanieren. In eerste instantie ben ik tot de Middeleeuwen gekomen. De oorsprong van stamppotten, het gebruik van honing in plaats van de veel duurdere suiker. De Middeleeuwse tafelmanieren die vandaag de dag nog gelden. Van lieverlee duik ik verder de geschiedenis in en kom op de Romeinse Tijd. De eetgewoonten waren sterk verweven met Hygiëne, Praktijk en Religie. Romeinse Maaltijden op een dag, een kennismaking

De drie dagelijkse Romeinse maaltijden

Ientaculum (ontbijt)
Bij zonsopgang of kort daarna aten de Romeinen hun eerste maaltijd. Dit was geen uitgebreid familiegebeuren, maar een snelle hap om de dag te starten. Typisch: brood (vaak gedoopt in wijn, olijfolie of honing), kaas, olijven, gedroogd fruit zoals vijgen of dadels, soms een ei of een papje van emmer (puls). Voor de armen bleef het bij brood en olijven; de rijken voegden melk, honing of verse vruchten toe. Het doel was puur praktisch: energie voor de ochtend zonder veel tijd te verliezen.

Prandium (lunch of tussendoortje)
Rond het middaguur (ongeveer 11-14 uur) volgde een lichte maaltijd. Dit was vaak koud en eenvoudig: brood, restjes vlees of worst, kaas, olijven, groenten of fruit. Voor arbeiders kon dit voedzamer zijn, maar voor de elite was het vooral een bruggetje tot de hoofdmaaltijd. In de loop der tijd werd de prandium lichter, omdat de cena steeds later op de dag kwam te liggen. Vroeger at men ’s avonds nog een lichte vesperna, maar die verdween grotendeels bij de hogere klassen.

Cena (hoofdmaaltijd)
De cena was de belangrijkste maaltijd van de dag. Oorspronkelijk rond 14-15 uur, maar bij welgestelden verschoof dit naar de late namiddag of avond (na de thermen, vanaf ca. 16-17 uur). Voor gewone Romeinen bleef het een eenvoudige, voedzame maaltijd: een eenpansgerecht met graanpap, groenten, wat vlees of vis, brood en wijn. Bij de elite werd het een waar convivium – een sociaal banket in het triclinium, waar gasten liggend aten op drie banken rond lage tafels. Hier gold de echte Romeinse tafelmanier: handen wassen, voeten schoon, en aandacht voor hygiëne en gastvrijheid.

De gangen van een Romeinse cena
Een uitgebreide cena bij de hogere klassen bestond uit drie hoofdgangen (mensae):

•  Gustatio (voorgerecht of appetizer)
Dit lichte gerecht wekte de eetlust op. Denk aan eieren (hardgekookt of in saus), olijven, rauwe of gekookte groenten (sla, prei, asperges), schelpdieren zoals oesters of mosselen, kleine visjes, slakken of paddenstoelen. Vaak geserveerd met mulsum (wijn met honing). Het was verfrissend en bereidde de maaltijd voor.

•  Primae mensae (hoofdgerecht)
Hier kwam het echte werk: warm, gevarieerd en rijkelijk gekruid met garum (gefermenteerde vissaus), peper, komijn, munt en andere kruiden. Voorbeelden: varkensvlees, kip, eend, wild, vis of zeevruchten, stoofschotels, gebraden gevogelte of ovenschotels (patina). Groenten zoals kool, prei, bonen en wortels hoorden er ook bij. Wijn (aangelengd met water) vloeide rijkelijk. Bij luxueuze banketten konden er meerdere subgangen zijn.

•  Secundae mensae (nagerecht)
De afronding was zoet en licht: vers fruit (appels, peren, vijgen, dadels, druiven), noten, honingkoeken, kaas of gebak. Soms kwamen oesters of andere zeevruchten hier terug. De maaltijd eindigde vaak met fruit – vandaar de uitdrukking “ab ovo usque ad mala” (van ei tot appel). Na afloop volgde soms een comissatio: een drinkronde met pure wijn, en een libatie aan de huisgoden.

De hele cena kon uren duren, met slaven die handen wasten tussen de gangen, tafels schoonveegden en restjes op de vloer lieten liggen (tot na afloop, uit religieuze overwegingen).

Een eenvoudig recept: Prei-patina (uit de prima mensae)

Patina’s – ovenschotels gebonden met ei – waren populair in de Romeinse keuken, zowel hartig als zoet. Hier een eenvoudige, authentiek geïnspireerde versie van een prei-patina, gebaseerd op recepten uit De Re Coquinaria (toegeschreven aan Apicius). Perfect als hoofdgerecht of bijgerecht.

Ingrediënten:

  • 5 – 6 preien (schoongemaakt, in ringen),
  • 4 eieren,
  • 200 ml melk (of een mix met room),
  • 2 el olijfolie,
  • 1-2 el garum (vervanger: Thaise vissaus of zout + ansjovisfilet),
  • 1 tl gemalen peper,
  • 1 tl komijn,
  • Verse kruiden (koriander of munt, fijngehakt),
  • wat geraspte kaas of stukjes spek

Aan de slag

1.  Kook de preiringen 5-7 minuten tot ze zacht zijn. Laat goed uitlekken.
2.  Klop de eieren los met melk, olijfolie, garum, peper, komijn en kruiden.
3.  Vet een ovenschaal in. Verdeel de prei erin en giet het eimengsel erover. Strooi eventueel kaas erover.
4.  Bak in een voorverwarmde oven op 180°C gedurende 25-35 minuten, tot het gestold is en licht goudbruin kleurt.
5.  Serveer warm, met brood en een eenvoudige saus van olijfolie, azijn en peper.

Dit gerecht is voedzaam, betaalbaar en typisch Romeins: groenten staan centraal, goed gekruid en licht verteerbaar. Voor een luxere versie kun je vis of vlees toevoegen; voor een dessertvariant (zoals peer-patina) vervang je prei door gekookte peren met honing en passum (zoete wijn).

Romeins eten draait om balans, seizoensproducten en sociale verbondenheid. Of je nu een eenvoudige maaltijd bereidt of een heel convivium nabootst: begin met schone handen, eet liggend als je durft, en geniet van de smaken die de basis legden voor de latere Europese keuken.

Deze gewoonten varieerden per tijdperk, regio en sociale klasse, maar vormen de kern van wat we weten uit bronnen als Apicius, Petronius en archeologische vondsten.

Pinsa-Pizza recept

Een tijdje geleden belegden we naanbrood als een pizza. Het was het niet helemaal, maar toch voor een tijdje lekker. Tot VL naar de ingrediënten ging kijken. Voor ons een reden om geen naanbrood meer te kopen. Zelf maken is eenvoudig, maar het ontbreekt ons aan tijd om het te doen. Dan maar naar de pizza bodem overstappen. Daar bleek toch wel vaak palmolie als ingrediënt in te zitten.

Na wat zoeken kwamen we aan de Pinsa van Bertoli. Volgens de verpakking is ‘…de moderne Pinsa gebaseerd op een pizzarecept uit het Romeinse tijdperk…’. Ook de ingrediënten spraken ons aan. In ieder geval géén palmolie, maar olijfolie. De luchtige Pinsa is voor ons een prima bodem voor onze Pinsa-Pizza recept.

Ingrediënten

  • 4 Pinsa bodems,
  • 250 gr kastanjechampignons,
  • 35 Roma minitomaatjes,
  • 1 grote rode paprika,
  • 2 grote uien,
  • 90 gr groene pesto,
  • 200 gr tomatenpuree,
  • 180 gr Parmezaanse kaas,
  • voldoende blokjes ananas,
  • 200 gr uitgelekte buffelmozzerella 

Aan de slag: Pinsa-Pizza recept

De ui wordt gepeld en in dunne halve ringen gesneden. De tomaatjes gehalveerd, de champignons in dunne plakjes en de paprika in dunne reepjes. De Parmezaanse kaas wordt grof geraspt. Alle ingrediënten in bakjes en op bordjes in de wachtkamer.

In onze Pinsa-Pizza recept gebruikt VL de onderkant van de Pinsabodems als bovenkant. Die onderkant is mooi egaal en makkelijk te besmeren. De bodems worden op de bakplaat en het rooster gelegd. VL besmeert de Pinsabodems met een laagje pesto en een laagje tomatenpuree. Als eerste worden de champignons verdeeld over de vier bodems. Dan volgen de halve uiringen. We zijn met vier personen en een paar van ons hebben wensen. Dus VL maakt een schemaatje van waar de verschillende Pinsa’s op de ovenplaat liggen. Zo krijgt ieder de Pinsa naar wens.

VL is aan de paprika toe. De reepjes keurig verdeeld over alle Pinsa’s. Dan komt de tomaat aan de beurt. VL knipt de buffelmozzerella in 8 stukjes en verdeelt deze over de Pinsa-pizza’s. Tot nu toe geen bijzondere wensen om rekening mee te houden. Dan komen de ananasblokjes en worden sommige Pinsa-pizza’s omgetoverd in Pizza Hawaï. Een gruwel voor een van de gezinsleden. 

Ondertussen wordt de oven voorverwarmd op 180 graden. Tenslotte wordt de gesnipperde Parmazaan verdeeld voorzover de wensen strekken. Nu is het belangrijk om de bakplaat niet te draaien zodat VL weet welke pizza voor wie bestemd is. Na 15 minuten in de oven op 180 graden zullen de Pinsa-Pizza’s klaar voor opdienen zijn.

Rauwe melk en lever, een slaapboost

Slaap begint niet ’s avonds in bed, maar al overdag met de aanmaak van de juiste bouwstoffen. Centraal staat tryptofaan, een essentieel aminozuur dat je lichaam omzet in serotonine en vervolgens in melatonine, het hormoon dat je lichaam vertelt: ‘Tijd om te slapen.’ Rauwe melk en lever uitgelegd.

Lever -bij voorkeur van grasgevoerd rund of lam- is een van de rijkste natuurlijke bronnen van tryptofaan. Per 100 gram bevat rundvleeslever al snel meer dan 0,3 gram tryptofaan – een serieuze hoeveelheid vergeleken met veel andere vleessoorten. Maar tryptofaan alleen is niet genoeg. Om het efficiënt om te zetten, heeft je lichaam vitamine B6 nodig.

Zonder voldoende B6 blijft tryptofaan grotendeels ongebruikt of wordt het niet optimaal omgezet in serotonine en melatonine. Daarnaast bevat lever hoge doses koper en vitamine A (retinol). Vitamine A speelt een belangrijke rol bij het reguleren van je biologische klok. Het helpt je overdag energiek te blijven, zodat je ’s avonds een duidelijk “licht-uit”-signaal krijgt. Koper ondersteunt eveneens energiehuishouding en neurologische processen die indirect invloed hebben op rust en alertheid.

Dan komt rauwe melk (of hoogwaardige, niet-gepasteuriseerde melk van grasgevoerde koeien) om de hoek kijken. Melk is van nature rijk aan calcium. Dit mineraal doet meer dan alleen je botten versterken: het helpt bij de aanmaak en regulatie van melatonine en ondersteunt de werking van het zenuwstelsel. Calcium maakt het makkelijker voor bepaalde voedingsstoffen om hun werk te doen in de hersenen. 

Traditioneel wordt warme melk voor het slapengaan al eeuwenlang aangeraden omdat het een kalmerend effect kan hebben. Rauwe melk zou daarbij extra voordelen kunnen bieden doordat de enzymen en eiwitten intact blijven, wat de opname van tryptofaan en calcium potentieel ondersteunt.

Rauwe melk zelf bevat ook een kleine hoeveelheid tryptofaan, plus magnesium en zink die eveneens bijdragen aan ontspanning en melatoninesynthese. Samen vormen lever en rauwe melk een synergetisch duo.

De combi werkt als volgt: je eet lever (tryptofaan + B6 + vitamine A + koper) en drinkt er een glas rauwe melk bij. De calcium in de melk helpt de ‘deur naar de hersenen’ verder open te zetten, zodat meer tryptofaan de bloed-hersenbarrière kan passeren en daar kan worden omgezet in serotonine en melatonine. Het resultaat is minder woelen, sneller inslapen en vaak een diepere slaap. Rauwe melk en lever, een slaapboost.

Ingrediënten:

  • 400 gr kippenlevers,
  • 200 gr ongezouten roomboter,
  • 1 kleine ui,
  • 1-2 teentjes verse knoflook,
  • 3 el zachte whisky,
  • 100 tot 150 gr slagroom,
  • 1 tl gedroogde tijm,
  • 3 el ghee en naar smaak peper en zout. 

Kippenleverpaté maken zoals in de jaren ‘50

In de jaren ‘50 staan in de Nederlandse keukens geen keukenmachine, geen staafmixer en al helemaal geen blender te zoemen. Toch staat er op zondag of bij een borrel een heerlijke, romige kippenleverpaté op tafel. Oma’s en moeders maakten het met pure handkracht: met een scherp mes, een houten lepel, een zeef en vooral veel geduld. Het resultaat? Een rijke, smeuïge paté met een diepe smaak die je in moderne versies soms mist.

Aan de slag: Rauwe melk en lever, een slaapboost

Pel de ui en de knoflookteentjes en snipper deze heel fijn. Maak de kippenlevers schoon: verwijder eventuele vliesjes en groene stukjes (gal). Spoel ze af en dep ze goed droog. Smelt 100 gram boter in een koekenpan op middelhoog vuur. Fruit de ui en knoflook tot ze zacht en glazig zijn Voeg de kippenlevers en tijm toe. Bak de levers gedurende 4-8 minuten. Ze moeten goudbruin zijn, maar van binnen nog een beetje roze. Giet de whisky erbij en laat het geheel nog 1 minuut inkoken totdat de alcohol is verdampt en het vocht stroperig wordt.

Nu komt het klassieke handwerk voor een paté met karakter. Hak de levers met een groot mes zo fijn mogelijk op een snijplank. Doe de gehakte levertjes en de ui en knoflook in een grote kom. Voeg de resterende zachte boter (100-150 g). Stamp of wrijf alles met een houten stamper, lepel of vork tot een gladde massa. Druk het mengsel meerdere keren door een fijne zeef met de bolle kant van een lepel. Roer de slagroom erdoor tot de gewenste romigheid. Breng op smaak met Keltisch zeezout en peper.

Schep de paté in een glazen pot en strijk de bovenkant glad. Smelt wat ghee en giet dit over de paté. Dit houdt de paté langer goed en geeft een mooie glans. Laat het geheel een nacht in de koelkast opstijven.

Bewaar in de koelkast: 4-7 dagen (zonder extra laagje), of tot 2-3 weken als je een dikke laag gesmolten boter of geklaarde boter bovenop giet (dat werkt als extra barrière tegen zuurstof en bacteriën). Bij twijfel of als je de pot opent en het ruikt/ligt er vreemd bij (bol deksel, vreemde geur, kleurverandering), gooi het weg. 

Hoe pas je dit toe in de praktijk?

Een kleine portie lever (80-120 gram) 2-3 keer per week is vaak voldoende. Te veel lever per dag is niet aan te raden vanwege het hoge vitamine A-gehalte.
Bereidt de lever door het licht te bakken of door er een paté van te maken.Kies voor rauwe melk van een betrouwbare bron (biologisch, grasgevoerd).
Als rauwe melk niet beschikbaar of wenselijk is, kies dan voor volle, biologische melk die zo min mogelijk bewerkt is. Warm wat op voor een rustgevend effect.
Eet de combi bij het avondeten, of 2-3 uur voor het slapengaan, of een kleinere snack 1 uur voor het slapen gaan. Rauwe melk en lever, een slaapboost

Disclaimer: Deze aanpak is geen wondermiddel en vervangt geen medisch advies. Mensen met leveraandoeningen, ijzerstapeling of vitamine A-overgevoeligheid moeten voorzichtig zijn. Volgens de NVWA en het Voedingscentrum brengt het drinken van rauwe (ongepasteuriseerde) melk gezondheidsrisico’s met zich mee. Dit risico schijnt groot te zijn voor jonge kinderen, ouderen, zwangere vrouwen en mensen met een verzwakt immuunsysteem. De Nederlandse overheid raadt daarom aan om melk bij voorkeur te pasteuriseren of te verhitten. 

Bovenstaande informatie over mogelijke voordelen van rauwe melk en lever is geen medisch of voedingsadvies. Raadpleeg bij twijfel altijd een huisarts of diëtist.

Spaghetti met gehakt ovenschotel

Af en toe neem ik de website door om recepten te updaten. Sommige recepten worden aangepast aan nieuwe inzichten of smaakveranderingen. Dan kom je achter dat een recept wat al jaren ‘in de familie’ maar nooit opgeschreven is. Zo ook met spaghetti met gehakt ovenschotel, ook wel spaghettitaart genoemd.

Ingrediënten:

  • 500 gr rundergehakt,
  • 500 gr verse spaghetti,
  • 1 rode paprika,
  • 1 gele paprika,
  • 1 prei, 1
  • 1 grote ui,
  • 5 teentjes verse knoflook,
  • 250 gr kastanje champignons,
  • 3 eieren,
  • 1 el ghee,
  • 3 el tomatenpuree,
  • 2 kartonnetjes tomatenblokjes,
  • 250 gr buffelmozzarella,
  • 160 gr geraspte parmezaan,
  • een handvol vers basilicumblad, oregano, tijm, zout en peper naar smaak.

Aan de slag: Spaghetti met gehakt ovenschotel

Eerst maar het snijwerk. De paprika’s wassen en in kleine blokjes snijden. De ui en knoflook pellen en snipperen. De prei in de lengte door vieren snijden en verder klein snijden. De champignons in kleine blokjes snijden. Het geheel neemt best wat tijd, zodat een goede planning belangrijk is.

wordt aangewerkt…

Komkommer op zoet-zuur

Regelmatig kopen we zoetzure augurken van een bekend merk. Net was al weer een hele tijd geleden dat we op de ingrediëntenlijst op de pot gekeken. We merkten dat er sacharine als ingrediënt wordt genoemd. Sacharine (E954) wordt over het algemeen beschouwd als veilig voor consumptie door gezondheidsautoriteiten, maar er is discussie over de langetermijneffecten en minder gezonde eigenschappen.

Dat laatste is voor ons de reden om te gaan kijken naar gezondere varianten van zoetzure augurken. We komen uit op het zelf maken. Omdat we geen verse augurkjes kunnen vinden bij de groenteboer, maken we nu komkommer op zoet-zuur. We gaan in de toekomst op zoek naar augurkjes. Of we kopen wat augurkenplanten en kweken onze augurken.

Ingrediënten voor 1 pot (500 milliliter):

  • 1 komkommer,
  • 2 tl mosterdzaad,
  • 10 peperkorrels,
  • 1 tl dillezaad of verse dilletakjes,
  • 1/2 el Keltisch zeezout,
  • 275 ml natuurazijn,
  • 225 ml water
  • 125 gr biologische honing

Aan de slag: Komkommer op zoet-zuur

Ik ga de komkommer in schijfjes snijden met de mandoline. Dat geeft keurige gelijkmatige plakjes. Wil je lange stukjes komkommer dan snij je de komkommer op de maat van de pot. Deze stukjes snij je dan in de lengte door vieren. Met een eetlepel de het waterige deel weg schrapen en je houdt het stevige deel over. Maar, zoals gezegd gebruik ik de mandoline.

Eerst was ik de komkommer heel nauwkeurig. De mandoline en de andere spullen was ik voor alle zekerheid nog even met heet water. De pot heb ik al in de afwasmachine gehad en kunnen straks voor 15 minuten op 150 graden in de oven. Ik wil de potten zo warm mogelijk gebruiken. Dus een kwestie van plannen met voorverwarmen van de oven en de 15 minuten steriliseren.

De azijn gaat met het water en alle andere ingrediënten -behalve de komkommer- in een pannetje. Breng dit rustig aan de kook en laat het een minuut of 5 zachtjes koken. De hete pot haal ik met ovenwanten uit de oven en zet ze op een dubbel gevouwen theedoek.

De plakjes komkommer laat ik plakje voor plakje in de pot vallen zodat ze mooi verdeeld de potten vullen. Dan gaat de hete vloeistof in de pot tot een centimeter onder de rand. De achtergebleven ingrediënten schraap ik met een schoon lepeltje uit de pan en de pot. De inhoud flink aandrukken en de deksel stevig aan draaien. Let op dat de pot flink heet is.

Er zijn websites die zeggen dat de pot voor een paar minuten op z’n kop gezet moeten worden. Dat doen we niet meer. De azijn in de vloeistof tast de deksel aan en dat moeten we niet willen. In de pan leg ik een roostertje of een doek tegen het barsten van de potten.

De pot gaat in een pan met heet water. Het water hoeft niet hoger te staan dan driekwart van de potten. Breng het water langzaam aan de kook op een middelvuur. Zodra het water kookt stel ik de kookwekker op 15 minuten. In de pot ontstaat nu een vacuüm. Na 15 minuten kan het vuur uit en moet de pot afkoelen. Na helemaal afgekoeld te zijn kan de pot op een koele donkere plek wachten op gebruik. Na een dag of veertien is de Komkommer op zoet-zuur goed op smaak.

Spruitjes met Rösti en ontbijtspek traybake 

De winter loopt teneinde, de dagen lengen en de bloembollen komen al weer door de bijna vergane bladeren. De lente is in aantocht. Dat betekent dat het spruitenseizoen langzaam maar zeker ook tot een einde gaat komen. Dit keer met een Spruitjes met Rösti en ontbijtspek traybake of bakplaatgerecht

Ingrediënten:

  • 800 gr spruitjes,
  • 500 gr rösti,
  • 1 grote ui,
  • 3 el olijfolie,
  • 1 tl tijm,
  • 1 tl oregano,
  • 1 kneep citroensap, 4 teentjes verse knoflook,
  • 250 gr ontbijtspek,
  • zout naar smaak.

Aan de slag: Spruitjes met Rösti en ontbijtspek traybake 

Spruiten schonen is een gezamenlijke actie; de spruiten op tafel, vergiet onder handbereik en ieder een schilmesje. Een glaasje wijn er bij en de spruiten onder handen nemen. Het kontje er af en lelijke blaadjes verwijderen. De spruitjes door midden snijden en hup, in het vergiet. 

De rest van de bereiding gaat in de keuken. De spruitjes worden goed afgespoeld en moeten een tijdje uitdruipen. De ui pellen en in dunne kwart ringen snijden. De knoflookteentjes pellen, pletten en grof snipperen. Het ontbijtspek in stukjes van 1 cm snijden. 

Van de olijfolie, tijm, oregano, citroensap en de knoflook wordt een mengseltje gemaakt. Het kommetje met het mengsel mag een kwartiertje rusten in de koelkast. De stukjes ontbijtspek in een droge koekenpan op laag vuur uitbakken tot krokant. De wok gaat op het vuur met een eetlepel ghee. Is de ghee goed verhit, dan gaan de spruitjes in de wok voor een minuut of vijf. Een paar keer omscheppen voorkomt aanbranden. Ondertussen wordt de oven aangezet en voorverwarmt op 200 graden. 

Na een minuut of zeven is de oven voorverwarmt en gaan de spruitjes, de rösti, stukjes ui en het ontbijtspek op de bakplaat. Het oliemengsel en citroensap er over heen. Dan kan het geheel in de oven. Na een minuut of 30 is de Spruitjes met Rösti en ontbijtspek traybake / bakplaatgerecht gereed.

Gebakken runderhart, drie recepten

Het lag me al een tijdje aan te staren bij de slager; runderhart. Orgaanvlees valt in ons gezin niet zo goed. Dus tot nu toe zijn we het avontuur nog niet aan gegaan. Tot bleek dat de slager geschoonde runderhart verkoopt van rond de 400 gram. Veel vlees voor weinig geld. Een prettig gewicht om mee te experimenteren als de kinderen elders eten. Tijd voor gebakken runderhart, drie recepten.

Voor de recepten snijd ik het hart in plakken van ongeveer 1 cm dik. De slager heeft de vliezen, bloedvaten en harde delen al verwijderd.

 Klassieke roomboter en peper (eenvoudig & puur)

Ingrediënten

  • 400 g runderhart,
  • 2 el ghee,
  • Keltisch Zeezout,
  • versgemalen zwarte peper,
  • 1/2 tl knoflookpoeder

Aan de slag: eenvoudig en puur

Snijdt de runderhart is dikke plakken. Bestrooi de plakken royaal met zout, peper en knoflookpoeder en laat het 15 tot 30 minuten intrekken. Verhit de ghee in de pan. Bak de plakken 1½–2½ min per kant op hoog vuur. Haal direct uit de pan en laat rusten. Serveer de gebakken runderhart puur of met een simpele groene salade.

Gerookt paprikapoeder en balsamico

Ingrediënten:

  • 400 gr runderhart,
  • 1 el ghee
  • Voor de marinade:
  • 2 el balsamicoazijn,
  • 2 el olijfolie,
  • 1½ tl gerookt paprikapoeder,
  • 1 tl knoflookpoeder,
  • ½ tl komijn,
  • zout, peper

Aan de slag: Gerookt paprikapoeder en balsamico

Meng alle ingrediënten in een ruime kom. Voeg het vlees toe en marineer 1–4 uur. Dep daarna het vlees droog. Verhit de ghee in een koekenpan en bak de plakken hart 2–3 min per kant op hoog vuur tot mooie korst. Leg de plakken op een bord en laat het even rusten. Maak eventueel een snelle jus door restje marinade met een scheutje water of bouillon in de pan te laten inkoken. Dit recept past perfect bij geroosterde groenten of puree.

Mediterrane marinade met knoflook, citroen en kruiden

Ingrediënten

  • 400 gr runderhart,
  • 1 el ghee
  • Voor de marinade:
  • 4 el olijfolie,
  • sap en rasp van 1 citroen,
  • 3 teentjes verse knoflook,
  • 1 tl gerookt paprikapoeder,
  • 1 tl komijn,
  • ½ tl oregano,
  • zout en peper naar smaak

Aan de slag: Mediterrane marinade met knoflook, citroen en kruiden

Meng de ingrediënten tot een marinade, laat het runderhart minimaal 2 uur marineren in de koelkast. Dep het droog en bewaar de marinade. Verhit de ghee in de koekenpan. Bak de plakken 1–2 min per kant op hoog vuur. Blus eventueel kort af met restje marinade voor een snelle saus. Lekker met gegrilde groenten of aardappelen.

Veel kookplezier met deze gebakken runderhart, drie recepten.

Tot bleek dat de slager geschoonde runderhart verkoopt van rond de 400 gram. Veel vlees voor weinig geld. Een prettig gewicht om mee te experimenteren als de kinderen elders eten. Tijd voor gebakken runderhart, drie recepten.
Gebakken runderhart van grasgevoerde runderen

Middeleeuwse erwten-prei potagie

Stel je voor: je staat in een middeleeuwse keuken boven een dampende pot erwten-prei potagie. Geen grammetjes, geen timer, maar wel een diepe overtuiging dat je maaltijd letterlijk het lichaam in evenwicht brengt. Dat is de humorenleer in de praktijk

De humorenleer is afkomstig van de Griekse arts Hippocrates (ca. 460-370 v.Chr.). Hij zag ziekte als natuurlijk gevolg van een disbalans in het lichaam. De Grieks-Romeinse arts Claudius Galenus (129-216 n.Chr.) werkte de theorie verder uit. Volgens Galenus bestaat het menselijk lichaam uit vier lichaamssappen: bloed, slijm, gele gal en zwarte gal. Deze sappen -humoren genaamd- hebben elk een combinatie van de kwaliteiten warm/koud en vochtig/droog, en corresponderen met de vier elementen (lucht, water, vuur, aarde), de seizoenen en organen.

Raken de lichaamssappen uit balans dan wordt de persoon ziek. Er waren toentertijd verschillende manieren om de balans weer te herstellen. Eén daarvan was via het voedsel.  Middeleeuwse koks gebruikten ingrediënten met andere ingrediënten om zo de humoren weer in balans te krijgen. Zo werd een eenvoudige boeren erwten-prei potagie (stamppot) niet alleen om de maag te vullen, maar ook gezond volgens deze theorie.

Middeleeuwse erwten-prei potage, een reconstructie. Veel recepten uit de middeleeuwen zijn gebaseerd op de keuken van de rijken en de geestelijkheid. Er zijn weinig tot geen recepten voor de gewone man beschreven. Dit recept is een reconstructie gebaseerd op typische ingrediënten en bereidingswijzen. Middeleeuwse erwten-prei potage.

Aan de slag: Middeleeuwse erwten-prei potagie

Ingrediënten: 300 g gedroogde spliterwten, 2 flinke preien, 1 grote ui, ½ witte kool of een handvol boerenkool/raapstelen, 1 liter water, 1 el reuzel of spekvet, een klein stukje gerookt spek of zout spek in blokjes, Zout naar smaak, scheut wijnazijn of appelazijn,takje tijm, peterselie, salie of laurierblad

Spoel de spliterwten en week ze ’s nachts in koud water. Giet de geweekte erwten af. Snij de prei in ringen en gebruik zowel het wit als het groen. Pel de ui en snipper deze grof. De kool wordt in reepjes gesneden.

Doe de erwten in een grote soeppan met 1 liter water. Breng aan de kook en schep het schuim af. Voeg direct de gesneden prei, ui en kool toe Voeg spekvet/reuzel of blokjes spek toe als je die gebruikt. Breng het geheel aan de kook en zet het vuur laag. Laat het geheel zo’n 3 uur zachtjes koken met deksel op een kiertje. Roer af en toe en voeg water toe als het te dik wordt. Wil je dikke stamppot, voeg dan geen extra water toe. De erwten vallen uiteindelijk uit elkaar en maken het natuurlijk dik.

Als het bijna gaar is (erwten zacht en papperig), stamp je het geheel met een pureestamper of houten lepel tot een grove stamppot. Proef het gerecht en voeg zout toe. Maak het zuur met een scheut azijn of verjus – dit balanceert de zoete erwten en geeft die typische middeleeuwse frisheid (humorenleer: zuur tempert “warm” eten). Strooi er verse peterselie over als je die hebt.

Serveer de Middeleeuwse erwten-prei potagie heet met stevig rogge- of gerstebrood om in te dippen. Eventueel een klontje boter of extra azijn erbovenop.

Gebruik geen bouillonblokjes. Die bestonden toen niet. Gebruik water en vet/spek voor smaak. Maak het dagen van tevoren: potagie stond vaak dagen op het vuur en werd steeds  aangevuld met nieuwe ingrediënten. Voeg voor de variatie pastinaak, raap of wortel toe als je die had. Gebruik geen aardappelen. Die waren nog niet bekend in de Lage Landen.

Sinds ik me bezig houd met Middeleeuwse recepten heb ik inmiddels een drietal (replica’s van) Middeleeuwse keukenmessen. Gekocht bij Celtic WebMerchant

Prachtige middeleeuwse keukenmessen voor de middeleeuwse keuken.
Prachtige middeleeuwse keukenmessen voor de middeleeuwse keuken. Deze messen zijn perfect voor als je in historische stijl wilt koken

Bron:historiek.net; Jeanette koockt; eetverleden.nl

Basisrecept spitskool stamppot met prei

Spitskool is een groente uit grootmoeders tijd. Net als andere koolsoorten nooit helemaal uit de belangstelling geweest, maar bezig met een opkomst. Het is makkelijk verkrijgbaar en het is lokaal. Dus geen verre reizen uit het buitenland, maar ‘om de hoek’ verkrijgbaar bij de groenteman en de super. Basisrecept spitskool stamppot met prei.

Eerst maar eens wat wetenswaardigheden. Wat zit er in spitskool:  Vitamine C: Spitskool is een uitstekende bron van vitamine C. Vitamine B11 (foliumzuur) wat bijdraagt aan de weerstanb. Vitamine K, belangrijk voor sterke botten en bloedstolling. Spitskool is rijk aan mineralen als kalium, calcium en fosfor. Het bevat waardevolle secundaire plantenstoffen en mosterdolie, die ontstekingsremmende eigenschappen hebben en Eiwitten. Tot slot is spitskool laag in calorieën en bevat nauwelijks vet.

Ingrediënten:

  • 1 kilo aardappelen,
  • 1 spitskool,
  • 1 stok prei,
  • 1 ui,
  • 1 el ghee,
  • 150 gr boter,
  • een scheutje slagroom,
  • 100 ml volle melk,
  • zout en peper naar smaak.

Aan de slag: Basisrecept spitskool stamppot met prei

Het maken van de puree is het meeste werk. Dat wil zeggen voordat het water kookt en de aardappelen gaar zijn gaat best wel een half uurtje over heen. Dus, de aardappelen schillen, in ongeveer gelijke delen snijden en spoelen. Dan kunnen de aardappelen in de pan met zoveel water dat de aardappelen net onderstaan. Een theelepel groenten bouillon en wat zout erbij en op hoog vuur aan de kook brengen. Dan het vuur laag en in ongeveer 12 minuten zijn de aardappelen gaar en niet tot moes gekookt. Er moet wat te stampen over blijven. 

In de tijd dat de aardappelen op staan is er tijd voldoende om de kool en de prei te snijden en te wassen. Uit alle bereidingswijzen kies ik voor het wokken. De buitenste bladeren van de kool verwijderen. Dat kan naar de konijnen als ik die had. Bij mij gaat groenteafval in de compostbak. De kool door de helft snijden en met een scherp mes vanaf de top dunne sliertjes snijden. De harde kern kan je laten zitten, want zover snijd ik de kool niet op. Daarna is de tweede helft aan de beurt om tot sliertjes verwerkt te worden. Van de prei het onderkantje afsnijden en het buitenste blad verwijderen. Ik snij de prei eerst overlangs door midden en dan ringetjes. De prei en de koolsliertjes in het vergiet en kort met koud water wassen en uitlaten lekken. De ui pellen en snipperen.

De wok gaat op het vuur met de ghee. Als de ghee goed op temperatuur is, gaat de ui in de wok. Na een minuut gaan de prei en spitskool in de wok. Eerst op hoog vuur, na een minuut of drie het vuur matigen. Na een minuut of 7 tot 10 is het groentemengsel gaar. Het vuur kan uit.

Inmiddels zijn de aardappelen gaar. Afgieten en de aardappelen terug in de pan en uit laten dampen. Zijn ze mooi droog dan de boter in blokjes toevoegen en met de stamper de aardappelen fijn stampen. Dan een scheutje slagroom en wat melk toevoegen en met de garde de puree smeuïg maken. Net zoveel melk toevoegen tot het de gewenste structuur heeft. Houdt er rekening mee dat de gewokte groenten ook vettigheid toe voegt. De groenten voorzichtig door de puree spatelen. Vandaag mag het gerecht rustig afkoelen. Het gaat in bakjes naar mijn schoonmoeder. Heeft zij weer een ouderwetse maaltijd spitskool stamppot met prei.

Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Ik heb iets met de Middeleeuwen. Heb ik een recept dan heb ik de neiging om naar het oerrecept te zoeken. En dat is vaak ergens in de Middeleeuwen. Eerder beschreef ik stoofperen uit de slowcooker. Nu heb ik de oerversie er van: Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Interessante sites met veel achtergrondinformatie over koken, ingrediënten en recepten in de Middeleeuwen zijn onder andere Eetverleden, Coquinaria en Restaurant Bleu Blanc

Ik gebruik Gieser Wildeman stoofperen. Dit is geen Middeleeuws soort, maar wel een bijzonder goede stoofpeer. De Middeleeuwse soorten zijn St. Rule (of Regul peer): Een luxe perensoort die in de 13e eeuw al bekend was. Black Worcester (Warden peer): dit type “Warden” wordt vaak genoemd als hét voorbeeld van een klassieke middeleeuwse bewaar- en stoofpeer. Poire d’angoisse (“Angstpeer”): Een zeer harde, bittere peer geschikt was om lang te stoven.

Ingrediënten:

  • 12 stevige stoofperen (bijv. Gieser Wildeman, Saint-Rémy of Conference),
  • 500–750 ml rode wijn,
  • 100–150 g honing,
  • 2 kaneelstokjes,
  • 1 tl vers geraspte gember,
  • 2 kruidnagels,
  • 2 tl rode wijnazijn,
  • handje rozijnen

Aan de slag: Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Om zo dicht mogelijk bij de historische bereiding te blijven stoof ik de peren op zo laag mogelijk vuur. Suiker was in de Middeleeuwen een luxe. De gewone man gebruikte veelal de goedkopere honing.

In sommige recepten worden de peren niet geschild. Dat geeft een steviger en voedzamer resultaat. In dit recept schil ik de peren wel. Halveer ze eventueel en verwijder het klokhuis, of laat ze heel met steel eraan.

Leg de peren in een ruime pan en giet de rode wijn erover. Vul eventueel aan met wat water als de peren net niet onder staan. Voeg honing, kaneel, gember en kruiden/azijn toe. Breng zachtjes aan de kook.

Laat op zeer laag vuur ongeveer drie uur stoven. De peren moeten zacht worden maar hun vorm behouden, en de siroop moet indikken tot stroperig rood. Haal van het vuur en laat afkoelen in de siroop voor een nóg lekkerder resultaat.

Geverifieerd door ExactMetrics