Unieke zoetzure bloemkool

Op dinsdag doen we boodschappen op de markt. Dan staat er de Zorgtuinderij met biologische producten uit eigen tuin. De kaasboer staat er met onze favoriete kaassoorten. De visboer heeft een vaste winkel met verse vis zo van de afslag. Dat zijn onze favoriete leveranciers.

Vandaag werd ik er op uit gestuurd om inkopen te doen. VL had keurig boodschappenbriefje gemaakt. Alle producten per winkel gesorteerd. Een mondelinge toelichting gaf nóg meer duidelijkheid. De bedoeling is veel bloemkool van de Zorgtuinderij. Dat komt in orde.

Nu wil het dat de Zorgtuinderij kraam alleen grote bloemkolen heeft. Eén bloemkool is te weinig voor de smoor van bloemkool, twee is véél te veel. Toch maar twee gekocht en voor wat er overblijft zoeken naar een oplossing.

Van de week wordt het dus bloemkoolsmoor. Van de rest maak ik ingemaakte bloemkoolroosjes. Blijft er dán nog wat over dan wordt dat gefermenteerd. Eerst maar het recept om bloemkoolroosjes in te maken. Lees ook de tip over de basis van inmaken.

Ingrediënten:

  • 500 gr bloemkool
  • 275 ml witte wijnazijn (of natuurazijn)
  • 250 ml water
  • 125 gr honing
  • 1 el Keltisch zeezout
  • 1 tl mosterdzaadjes
  • 1 tl korianderzaadjes
  •  ½ tl komijnzaadjes
  • 1 tl gemalen kurkuma
  • 1 laurierblad
  • Schil van ½ biologische sinaasappel (alleen de oranje schil, geen wit)

Aan de slag: zoetzure bloemkool

Snijd de bloemkool in kleine, gelijkmatige roosjes. Was ze goed en laat ze uitlekken.

Steriliseer de pot in de oven op 150 graden C volgens deze beschrijving

 Doe de azijn, water, honing, zeezout, mosterdzaad, korianderzaad, komijn, knoflook, kurkuma, laurierblad en sinaasappelschil in een pan. Breng al roerend aan de kook tot de honing en zeezout is opgelost. Laat het mengsel 4–5 minuten zachtjes pruttelen zodat de smaken goed trekken.

Voeg de bloemkoolroosjes toe om het 2–3 minuten meekoken tot ze net beetgaar zijn en knapperig blijven. Verwijder de sinaasappelschil en het laurierblad als je wilt (of laat ze erin voor extra smaak).

Giet vervolgens de bloemkool met het hete vocht in de warme, gesteriliseerde pot. Zorg dat alles goed onder het vocht staat. Draai de deksel goed dicht. Zet de pot ongeveer driekwart onder water in een pan met kokend water. Laat het water zachtjes koken voor 20 minuten. Na deze 20 minuten het water laten afkoelen tot kamertemperatuur. Daarna kan de pot in de koelkast. De zoetzure bloemkool kan maanden bewaard worden. Als het voor die tijd al niet opgegeten is.

Knapperige gefermenteerde rode uien

Inmaken met azijn, water en kruiden is bij iedereen wel bekend. Het resultaat is ingelegde rode uien. Daarnaast is fermenteren in pekelwater niet zo bekend, maar net zo eenvoudig en net zo lekker. Het laat je uien conserveren en extra smaak geven. Tot slot ga ik voor knapperige gefermenteerde rode uien.

Lacto-fermentatie is een natuurlijk proces waarbij melkzuurbacteriën (vooral Lactobacillus-soorten) suikers in groenten omzetten in melkzuur. Daarnaast wordt zout toegevoegd en wordt zuurstof zo veel mogelijk uitgesloten, zodat de goede bacteriën de overhand krijgen.

Concreet verlaagt het melkzuur dat zij produceren de pH, waardoor bederfveroorzakende bacteriën en schimmels geen kans krijgen. Het resultaat: knapperige, lichtzure, aromatische groenten die weken tot maanden houdbaar zijn in de koelkast.

Het “lacto” in de naam verwijst naar lactic acid (melkzuur), niet naar lactose of melk. Je hebt geen startercultuur of speciale apparatuur nodig. Alleen zout, water, een schone pot en wat geduld. Dit proces is eeuwenoud. Denk aan zuurkool, kimchi, traditionele augurken en gefermenteerde uien.

Voor beginners is rode ui een ideale startgroente. Daarnaast is de ui zoet en blijft hij knapperig.

Bovendien hebben gefermenteerde rode uien een roze paarse tint en een zachte zuurheid door fermentatie. Lekker op broodjes, in salades, bij taco’s, hamburgers of kaas. In de koelkast blijven ze maanden goed.

Ingrediënten:

  • 500–600 g rode uien
  •  20–25 g Keltisch zeezout 
  • 1 liter afgekoeld gekookt water
  •  1–2 theelepels mosterdzaad, een paar peperkorrels, een laurierblad

Nodig is een schone glazen pot met deksel die geschikt is voor pekelen en fermentatie. Daarnaast gebruik ik een glazen pot met schroefdeksel waar zoetzure augurken van Kesbeke ingezeten hebben. Een gewichtje om de uien onder de pekel te houden. Dat kan van alles zijn als het maar brandschoon is.

Ik gebruik een fermentatiegewicht van glas.

Aan de slag (lacto-) gefermenteerde rode uien

De pot gaat een avond van tevoren in de afwasmachine op het heetste programma. Daarnaast wordt de pot de volgende dag voor 15 minuten gesteriliseerd op 150 graden in de oven.

Plaats de pot in de koude oven en stel de temperatuur in op 150 graden. Daarna laat je de pot een kwartier steriliseren. Laat de pot afkoelen voordat je hem gebruikt. Het deksel heeft tijdens het proces in een bakje heet water gelegen.

Schil de uien en snijd ze in ringen. Hoe dunner, hoe sneller ze fermenteren en hoe zachter ze worden. Voor knapperigheid mag het iets dikker. Ik gebruik de mandoline voor keurige even dunne ringen.

De uienringen gaan in de pot met 2 tl mosterdzaad en 10 zwarte peperkorrels.

Daarnaast gaan er zoveel uienringen in de pot tot ongeveer 2 cm onder de rand.

Dan is de pekel aan de beurt. Daarna los ik 25 g zout op in 1 liter water. Giet het over de uien tot ze ruim bedekt zijn. Tot slot laat je 1 cm ruimte over bovenin de pot.

Druk de uien stevig aan zodat er zo min mogelijk luchtbellen tussen zitten. Leg het gewichtje erop zodat alle uien onder de pekel blijven. Dit is belangrijk: blootstelling aan lucht kan schimmel veroorzaken. Dan gaat de deksel op de pot.

Daarna zet ik de pot liever in een bakje, omdat er wat vocht kan lekken. Dan is een geschikte plek op het aanrecht of in een kast op kamertemperatuur (18–22 °C), uit de directe zon.

Nu komt het aan op geduld. Daarnaast laat de uienringen 5 tot 10 dagen fermenteren. Elke dag de pot de eerste dagen even openen om gassen te laten ontsnappen. Na 5 dagen zijn de uien meestal al lekker zuur en knapperig; langer fermenteren geeft een sterkere smaak.

Verder, als je tevreden bent over de smaak, doe de pot in de koelkast. Daar stopt of vertraagt het proces sterk. Na een dag of zeven is de gefermenteerde rode uien op zijn lekkerst, vinden wij.

Hoe ziet het lacto-fermenteren er uit

Dag 1 tot 3 wordt de pekel troebel en ontstaan kleine bubbeltjes. Dit markeert het begin van het actieve fermentatieproces. Je ziet de bubbels als teken dat lucht vrijkomt.

Dag 5 tot 7 hebben de uien een mooie, frisse en zure smaak gekregen. Proef dan of de zuurgraad goed is. Verplaats de pot daarna naar de koelkast. Langer laten staan kan tot tien dagen voor een intensere smaak. Daarna worden de uien zachter.

Daarnaast kun je ook sjalotjes inmaken voor zoetzure sjalotjes.

Gefermenteerde knoflook in honing: een eeuwenoud huismiddeltje

Soms zijn de eenvoudigste remedies het beste. Daarnaast horen geen dure supplementen bij dit recept. Gefermenteerde knoflook in honing is zo’n klassieker. Voor de donkere dagen stond er altijd een potje in de kast. Bij het eerste kuchje gaat het lepeltje honing met een zacht teentje knoflook erin. Daarnaast werkt het tegen een dalende weerstand.

Een remedie met diepe wortels

Knoflook en honing zijn al duizenden jaren onafscheidelijk in de traditionele geneeskunde. Archeologen vonden knoflookresten in piramides in het oude Egypte; het werd meegegeven aan farao’s voor het hiernamaals. Ook de Grieken en Romeinen wisten van de kracht van knoflook. Hippocrates, de vader van de geneeskunde, prees het aan bij allerlei kwalen. Honing diende niet alleen als zoetmaker, maar vooral als natuurlijk conserveermiddel en wondheler.

De combinatie van beide in één pot komt voor in verschillende culturen. In delen van Oost-Europa, Azië en het Midden-Oosten werd knoflook in honing bewaard. Dit maakte het houdbaar en temperde de scherpte. Het fermentatieproces verzacht de intense allicine van rauwe knoflook. De honing wordt vloeibaarder en smaakvoller.

Vandaag de dag is dit eenvoudige huismiddel herontdekt. Mensen die fermenteren ontdekken hoe lekker en krachtig het is. Geen wonder: rauwe honing bevat enzymen en goede bacteriën, knoflook bioactieve stoffen. Samen laten ze een milde fermentatie ontstaan die de voordelen behoudt en zelfs versterkt.

Het eenvoudige recept voor een pot van ongeveer 300-400 ml

Ingrediënten:

  • 150 – 200 gram verse knoflookteentjes,
  • 200-250 gram rauwe, niet- gepasteuriseerde biologische honing.

Benodigdheden: Een schone glazen weckpot van 400-500 ml, houten lepel.

Aan de slag: gefermenteerde knoflook in honing

Begin altijd met hygiëne. Zet de glazen pot zonder deksel in de afwasmachine op het heetste programma. Laat de pot goed drogen en zet deze dan in de oven op 150 graden voor 15 minuten om te steriliseren. Leg deksel in zeer heet water.

Pel de knoflookteentjes. Snijd grote tenen eventueel doormidden. Vul de pot tot ongeveer de helft of twee derde met de teentjes. Druk ze niet te hard aan, laat wat ruimte over. Giet de rauwe honing erover tot alle knoflook volledig onderstaat. Gebruik een houten lepel om voorzichtig te roeren zodat er geen luchtbellen tussen de teentjes blijven zitten. De honing zakt vanzelf verder naar beneden, dus check na een kwartiertje en vul eventueel bij.

Draai de deksel licht op de pot. Daarnaast produceert fermentatie gassen die moeten kunnen ontsnappen. Zet de pot op een schoteltje; het kan wat overlopen. Daarnaast zet je het op een donkere, koele plek bij kamertemperatuur.

Tijdens de eerste week open je dagelijks de pot voorzichtig om gas te laten ontsnappen. Kantel de pot zodat alles goed bedekt blijft. Daarnaast zie je na een paar dagen bubbeltjes verschijnen. Zo is het teken dat het fermenteren op gang komt. Laat het minstens 3 tot 4 weken trekken. Daarnaast geldt: hoe langer, hoe zachter de knoflook en hoe ronder de smaak. Bovendien, na een maand is het al heerlijk, na twee of drie maanden nóg beter.

De knoflook wordt mooi zacht en mild zoet. De honing krijgt een heerlijke lichte knoflooksmaak en wordt dunner en donkerder.

Hoe gebruik je gefermenteerde knoflook in honing

Een theelepel tot eetlepel per dag is een mooie onderhoudsdosis, vooral van oktober tot maart. Bij de eerste kriebel in de keel neem je gerust wat vaker. Lekker puur, door een kopje thee. Daarnaast kan Gefermenteerde knoflook in honing ook gebruikt worden in dressings, marinades of over gegrilde groenten. Verhit het niet te sterk als je de maximale voordelen wilt behouden.

Tip: Maak meerdere kleine potten tegelijk. Maak er eentje om direct te gebruiken en een andere om verder te laten rijpen. Daarnaast schrijf je altijd de datum van fermenteren op de pot. Het blijft jaren goed dankzij de honing.

Knoflook en honing zijn al duizenden jaren onafscheidelijk in de traditionele geneeskunde. In het oude Egypte vonden archeologen knoflookresten in piramides
Gefermenteerde knoflook in honing: een eeuwenoud huismiddeltje

Heeft u meer interesse in Hot Honey?

Daarnaast vervang de knoflook door één pepertje, of twee pepertjes, in kleine snippertjes gesneden, en volg het bovenstaande recept.

Simpel, Snel en Verrassend Lekker, ingemaakte sjalotjes

Mijn voorraad ingemaakte zilveruitjes raakt uitgeput. Sneller dan ik verwachtte zijn de potten zo goed als leeg. Tijd om een nieuwe voorraad aan te leggen. Helaas is het buiten het seizoen. De nieuwe oogst is eind juni te verwachten. Afgelopen week zag ik hele kleine sjalotjes liggen. Een mooie vervanging van de zilveruitjes tot de nieuwe oogst. De sjalotjes zijn zo klein dat ze niet gesneden hoeven te worden. Dat worden dus hele ingemaakte sjalotjes.

Een stukje Nederlandse geschiedenis

Zilveruitjes zijn al meer dan een eeuw een oer-Hollands product. Nederland is wereldwijd de grootste producent. De inmaaktraditie kreeg een grote boost door Joodse immigranten in Amsterdam die straatventers werden met “zuurkarren”. Tafelzuur – waaronder uitjes – was vroeger een betaalbare en houdbare toevoeging aan het sobere Hollandse eten. Vandaag de dag horen ze bij elke borrelplank en kaas.

De gebruikelijke handelingen om de pot te steriliseren heb ik al gedaan. De pot de avond tevoren in de afwasmachine op het heetste programma. Vandaag de pot in de oven voor 15 minuten op 150 graden en het Simpel, Snel en Verrassend Lekker, ingemaakte sjalotjes in een schaal met zo heet mogelijk water. Een theedoek alvast opgevouwen op het aanrecht om straks de hete pot op te zetten.

Ingrediënten:

  • 400-500 gr kleine sjalotjes
  • 200 ml appelciderazijn,
  • 150 ml water,
  • 2 el honing,
  • 1 tl Keltisch zeezout,
  • ½ tl zwarte peperkorrels,
  • 2 laurierbladeren,
  • 2 teentjes verse geplette knoflook,
  • ½ tl mosterdzaad.

Aan de slag: Simpel, Snel en Verrassend Lekker, ingemaakte sjalotjes


Het recept is eenvoudig en met weinig ingrediënten voor een toch verrassend resultaat. Het voorwerk is ook eenvoudig, alleen de sjalotjes pellen en de andere ingrediënten afwegen.

Doe in een pannetje het water, de azijn, suiker, zout, peperkorrels, mosterdzaad, laurierbladeren en geplette knoflook. Breng het aan de kook terwijl je roert tot de honing en het zout volledig zijn opgelost. Laat het een minuut of vijf zacht pruttelen. 

Als de oventijd voorbij is en de pot iets afgekoeld, haal dan de pot uit de oven en zet deze op de theedoek. Doe dan voorzichtig de sjalotjes in de pot en giet dan de hete vloeistof met kruiden in de pot. Zorg er voor dat de sjalotjes goed onder staan en het vocht ongeveer een centimeter onder de rand staat. Heel handig is een glazen gewicht op de inhoud te zetten. Kijk uit, het is allemaal goed heet. Gebruik goede ovenwanten. De deksel kan op de pot en stevig aangedraaid. 

Om de ingemaakt sjalotjes langer te kunnen bewaren zet ik een hoge pan met heet water op het vuur. Een schoon aanrecht doekje op de bodem van de pan en de pot gaat in de pan. Het water moet ongeveer tot driekwart van de pot komen. De temperatuur van het water flink opstoken tot kokend. Kookt het eenmaal dan mag de pot ongeveer 15 minuten in het kokende water blijven. Na het kwartier het gas uit en de pot in de pan laten afkoelen tot kamertemperatuur.

Op de zijkant van de pot even de datum van inmaken genoteerd en klaar zijn de ingemaakte sjalotjes. Nu maar geduldig twee weken wachten voor dat we ze gaan gebruiken.

Komkommer op zoet-zuur

Regelmatig kopen we zoetzure augurken van een bekend merk. Net was al weer een hele tijd geleden dat we op de ingrediëntenlijst op de pot gekeken. We merkten dat er sacharine als ingrediënt wordt genoemd. Sacharine (E954) wordt over het algemeen beschouwd als veilig voor consumptie door gezondheidsautoriteiten, maar er is discussie over de langetermijneffecten en minder gezonde eigenschappen.

Dat laatste is voor ons de reden om te gaan kijken naar gezondere varianten van zoetzure augurken. We komen uit op het zelf maken. Omdat we geen verse augurkjes kunnen vinden bij de groenteboer, maken we nu komkommer op zoet-zuur. We gaan in de toekomst op zoek naar augurkjes. Of we kopen wat augurkenplanten en kweken onze augurken.

Ingrediënten voor 1 pot (500 milliliter):

  • 1 komkommer,
  • 2 tl mosterdzaad,
  • 10 peperkorrels,
  • 1 tl dillezaad of verse dilletakjes,
  • 1/2 el Keltisch zeezout,
  • 275 ml natuurazijn,
  • 225 ml water
  • 125 gr biologische honing

Aan de slag: Komkommer op zoet-zuur

Ik ga de komkommer in schijfjes snijden met de mandoline. Dat geeft keurige gelijkmatige plakjes. Wil je lange stukjes komkommer dan snij je de komkommer op de maat van de pot. Deze stukjes snij je dan in de lengte door vieren. Met een eetlepel de het waterige deel weg schrapen en je houdt het stevige deel over. Maar, zoals gezegd gebruik ik de mandoline.

Eerst was ik de komkommer heel nauwkeurig. De mandoline en de andere spullen was ik voor alle zekerheid nog even met heet water. De pot heb ik al in de afwasmachine gehad en kunnen straks voor 15 minuten op 150 graden in de oven. Ik wil de potten zo warm mogelijk gebruiken. Dus een kwestie van plannen met voorverwarmen van de oven en de 15 minuten steriliseren.

De azijn gaat met het water en alle andere ingrediënten -behalve de komkommer- in een pannetje. Breng dit rustig aan de kook en laat het een minuut of 5 zachtjes koken. De hete pot haal ik met ovenwanten uit de oven en zet ze op een dubbel gevouwen theedoek.

De plakjes komkommer laat ik plakje voor plakje in de pot vallen zodat ze mooi verdeeld de potten vullen. Dan gaat de hete vloeistof in de pot tot een centimeter onder de rand. De achtergebleven ingrediënten schraap ik met een schoon lepeltje uit de pan en de pot. De inhoud flink aandrukken en de deksel stevig aan draaien. Let op dat de pot flink heet is.

Er zijn websites die zeggen dat de pot voor een paar minuten op z’n kop gezet moeten worden. Dat doen we niet meer. De azijn in de vloeistof tast de deksel aan en dat moeten we niet willen. In de pan leg ik een roostertje of een doek tegen het barsten van de potten.

De pot gaat in een pan met heet water. Het water hoeft niet hoger te staan dan driekwart van de potten. Breng het water langzaam aan de kook op een middelvuur. Zodra het water kookt stel ik de kookwekker op 15 minuten. In de pot ontstaat nu een vacuüm. Na 15 minuten kan het vuur uit en moet de pot afkoelen. Na helemaal afgekoeld te zijn kan de pot op een koele donkere plek wachten op gebruik. Na een dag of veertien is de Komkommer op zoet-zuur goed op smaak.

De Geschiedenis van Inmaken

Inmaken is geen hobby van nu. Het is een overlevingskunst die de mensheid al duizenden jaren in leven houdt. Maar de échte revolutie begon pas aan het einde van de 18e eeuw. Toen veranderde een simpele Franse uitvinding de manier waarop eten werd bewaard. De geschiedenis van inmaken

De Geschiedenis van Inmaken in Vogelvlucht

  • Ca. 12.000 v.Chr. → Eerste drogen, zouten en roken in prehistorische samenlevingen
  • Oudheid → Egypte, Grieken, Romeinen en Indianen leggen groenten en fruit in azijn, honing of olie
  • 1795 → Napoleon biedt 12.000 franc voor een methode om leger te voeden
  • 1809 → Nicolas Appert wint met glazen flessen + verhitting
  • 1810 → Peter Durand patenteert de tinnen blikken versie
  • 1864 → Louis Pasteur legt uit waarom het werkt (bacteriën)
  • 1900 → Johann Carl Weck commercialiseert de beugelfles → “wecken” wordt synoniem
  • Jaren 1920-1950 → Koelkast en diepvries verdringen inmaken… tijdelijk
  • 2020-nu → Duurzaamheidsgolf: inmaken is terug als zero waste trend

Napoleon, honger en een suikerbakker (eind 18e – begin 19e eeuw)

Europa stond in brand. Napoleon Bonaparte trok met honderdduizenden soldaten door het continent. Het grootste probleem? Niet de vijand, maar bedorven voedsel. Scheurbuik, dysenterie en hongersnood decimeerden legers vaker dan kogels. In 1795 riep de Franse regering een prijsvraag uit: wie vindt een betrouwbare manier om voedsel maandenlang goed te houden zonder koeling?

Een suikerbakker uit Châlons-en-Champagne, Nicolas Appert (1749-1841), nam de uitdaging aan. Hij experimenteerde jarenlang in zijn keuken. Rond 1809 had hij het: voedsel in dikke glazen flessen stoppen, goed afsluiten met kurk en draad, en vervolgens urenlang koken in een waterbad. Soep, vlees, groenten, fruit… alles bleef maanden tot jaren eetbaar.

Appert won de prijs in 1809 en publiceerde zijn methode in “Le Livre de tous les ménages ou l’art de conserver”. Hij dacht dat het weghouden van lucht het geheim was. Bacteriën kende hij nog niet – die ontdekking kwam pas 55 jaar later door Louis Pasteur.

De Franse marine testte Apperts flessen al in 1806 tijdens lange reizen. Resultaat: geen bederf meer. Napoleon was zo onder de indruk dat hij Appert persoonlijk bedankte. De uitvinding was perfect voor oorlog: licht, compact en geen ijs nodig.

Van glas naar blik (1810-1850)

In 1810 nam de Engelsman Peter Durand het stokje over. Hij patenteerde dezelfde methode maar dan in tinnen blikken. Goedkoper, lichter en onbreekbaar. De Britse marine en later het Amerikaanse leger adopteerden het massaal. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865) aten soldaten al ingeblikt vlees en groenten.In 1820 opende de eerste commerciële conservenfabriek in Engeland. Tegen 1850 was “canning” een begrip wereldwijd.

Wetenschap haalt de achterstand in (1864)

Tot 1864 bleef het een raadsel waarom Apperts methode werkte. Toen kwam Louis Pasteur met zijn kiemtheorie. Door verhitting (pasteuriseren) worden micro-organismen gedood. Plotseling werd inmaken wetenschappelijk onderbouwd en nog veiliger.

Nederland en de geboorte van “wecken” (1900)

In Duitsland richtte Johann Carl Weck in 1900 samen met George van Eyck het bedrijf J. Weck op. Ze perfectioneerden de glazen weckpot met rubberen ring en metalen beugel. Luchtdicht, herbruikbaar en mooi. In Nederland sloeg de term “wecken” meteen aan. Grootmoeders vulden in de nazomer hele kelders met potten bonen, augurken, peren, kersen en vlees.i

Van noodzaak naar nostalgie (20e eeuw – nu)

Met de opkomst van de koelkast (jaren ’20) en diepvries (jaren ’50) leek inmaken verleden tijd. Waarom nog wecken als je alles vers kunt bewaren? Toch bleef het in plattelandskeukens en bij conservatieve huishoudens bestaan.

Sinds 2010 is er een enorme opkomst. De aandacht voor lokale seizoensproducten, gezonde conservering en duurzaamheid zorgden voor deze opkomst. Belangstellenden leren via YouTube en workshops augurken inmaken, tomatensaus wecken en kimchi fermenteren. Wat ooit militaire noodzaak was, is nu een hobby. De basisprincipes zijn nog exact dezelfde als Appert 215 jaar geleden ontdekte. Alleen de motivatie veranderde. De Geschiedenis van Inmaken

Heb jij al eens geweckt? Deel je favoriete recept in de reacties!

bronnen: strandclubzwoel; National Center for Home Food Preservation: Wikipedia: Brabants Historisch Informatiecentrum

Masterclass Roma mini tomaatjes inmaken

Roma Mini tomaatjes inmaken, het is makkelijk maar je moet wel weten hoe en wat te doen. Er zijn meerdere manieren om tot een goed resultaat te komen. Ik heb gekozen voor een eenvoudig recept voor deze Masterclass Roma mini tomaatjes inmaken.

Ingrediënten:

  • 400 g Roma-minitomaatjes (vers, stevig en onbeschadigd),
  • 1 flinke tl dillezaad,
  • 1 tl zwarte peperkorrels (heel),
  • 1 tl gele mosterdzaad,
  • 2 laurierblaadjes (droog of vers)
  • optioneel: 1 klein teentje knoflook (gepeld en licht gekneusd), 1/2 sjalotje of een paar dunne ringetjes rode ui

Voor het inmaakmengsel:

  • 275 ml natuurazijn 5-7%,
  • 225 ml water,
  • 125 g honing,
  • 1 tl Keltisch zeezout

Aan de slag: Masterclas Roma mini tomaatjes inmaken

Was de tomaatjes voorzichtig en overgiet ze in een vergiet met heet water. Prik dan met een dunne satéprikker elk tomaatje 2-3 keer in (zodat ze niet barsten en het vocht goed intrekt).

Doe in een steelpan 300 ml azijn, 250 ml water, 125 g honing en 1 tl zout. Voeg dan de kruiden toe en breng het mengsel aan de kook. Laat het zachtjes koken tot honing en zout volledig zijn opgelost. Proef even: het moet pittig zoet-zuur zijn. Zorg ervoor dat het mengsel en de gesteriliseerde pot met deksel gelijktijdig klaar zijn.

Hygiëne

Ik zet altijd de te gebruiken pot de avond tevoren in de afwasmachine op het heetste programma. De dag van het inmaken zet ik de pot in de koude oven en verwarm de oven op 150 graden. Daarna laat ik de pot voor 15 minuten op 150 graden steriliseren. De deksel zet ik voor 15 minuten in kokend water.

Als de tijd voorbij is haal ik de deksel met een tang uit het water en leg deze te drogen op een schone theedoek. De pot met een kooktang uit de oven op de schone theedoek. Raak niet de hals van de pot of de binnenkant van de deksel aan. Deze zijn gesteriliseerd!

Stop de tomaatjes in de hete pot. Schudt even voorzichtig zodat de tomaatjes netjes verdeeld zijn. Giet dan het kokend hete vocht tot ongeveer 1,5cm onder de rand over de tomaatjes. Tik een paar keer met de pot voorzichtig op het aanrecht om luchtbellen te verwijderen. Gebruik een dubbelgevouwen theedoek of een houten snijplank hiervoor. Veeg de rand schoon met een stukje keukenpapier met azijn.

De potten afkoelen

Dan moet de pot afkoelen. Dat kan op twee manieren; de snelle ‘koelkastversie’ Draai de deksel goed dicht en laat afkoelen. Zodra de pot koud is gaat het in de koelkast. Na 2-3 weken op smaak, na 4-6 weken perfect. De tomaatjes zijn dan drie tot zes maanden ongeopend houdbaar in de koelkast.

De waterbad-methode

De tweede methode is het Inmaken in waterbad. De tomaatjes zijn dan ruim een jaar houdbaar op een koele donkere plek. Zet de gesloten pot in een grote pan met kokend water. Het water moet minimaal tot 3/4e van de pot komen. Breng het water aan de kook en laat 15 minuten zachtjes koken, vanaf het moment dat het water kookt.

Laat de pot afkoelen in het water. Je hoort vaak “plop” als het vacuüm trekt. Zijn het water en de pot afgekoeld kan de pot op een donkere koele plaats bewaard worden. Wel even een sticker met de datum van inmaak op de pot plakken. De Roma mini tomaatjes zijn op smaak na ongeveer twee tot zes weken. Na opening nog een een week of vier te bewaren in de koelkast.

Variatietips: Pittiger? Voeg een gedroogde chilipeper of ½ tl chilivlokken toe. Mediterraans? Extra ½ tl korianderzaad + een takje verse dille. 

Geniet van je huisgemaakte Roma mini tomaatjes! Ze zijn verslavend lekker en zien er prachtig uit in de voorraadkast. Veel succes en eet smakelijk! 

De basis van het zelf inmaken

Sinds enige tijd ben ik bezig met het zelf inmaken van zilveruitjes, komkommer, paprika en het maken van Amsterdamse uien. Een leuk en ontspannend werkje wat niet al te veel tijd in beslag neemt. Door zelf in te maken kan ik de gewenste smaak bepalen en werken met verse ingrediënten. In deze tijd waar de voedselveiligheid in het geding is door industriële voedselbereiding en bewerkt en ultra-bewerkt voedsel in de supermarkt wordt het steeds belangrijker dat je weet wat je eet. De basis van het zelf inmaken.

Ik ben begonnen met het zelf inmaken van zilveruitjes en het maken van Amsterdamse uitjes. Op het programma staan nog paprika, komkommer en augurk. Van elk soort maak ik zo’n vier potten van rond de 350 ml. Om te beginnen heb ik dan ook twintig potten met metalen deksel nodig. Die zijn voor niet veel geld te koop. Het mooie van potten kopen is dat je gelijke potten hebt. Dat staat netjes in het rek. Wil je geen geld uitgeven, dan kan je potten sparen. 

De basis van het zelf inmaken

Belangrijk bij het zelf inmaken is hygiëne. Je wilt geen vervelende bacteriën is je inmaakpotten. Dus, schone potten en deksels, schone handen en schoon materiaal. Ik doe de potten die ik denk te gebruiken een avond te voren in de afwasmachine op het heetste programma. Vlak voor ik ze gebruik zet ik de potten in de oven op 150 graden. Voorverwarmen is niet nodig. Als de oven op 150 graden is zet ik de timer op 15 minuten. De deksels heb ik in een schaal met kokend water gelegd.

Zijn de 15 minuten om dan kunnen de potten uit de oven. Het beste kan dat met een kooktang! De potten en de deksels op een schone theedoek zetten zodat ze droog kunnen stomen. Let op: alléén de rand van de deksel aanraken en vooral niet de binnenkant.

Ik werk steeds met hetzelfde basismengsel van water en azijn voor 500 gram in te maken groenten:

Ingrediënten:

  • 275 ml natuurazijn (5-7% zuur),
  • 225 ml water,
  • 125 gr honing,
  • 1 el Keltisch zeezout,
  • 2 tl mosterdzaad,
  • 1 tl dillezaad,
  • 1 tl zwarte peperkorrels,
  • 2 laurierblad,
  • 2 kruidnagels

Naar eigen wens en smaak kan je kruiden bijvoegen om de smaak te verrijken. Ik gebruik soms als extra smaakmaker korianderzaad, jeneverbessen, karwijzaad, gerookte paprikapoeder, kurkuma of rode peper. Ik houd het eenvoudig met één of twee extra smaakmakers. 

Gebruik je verse kruiden dan worden deze eerst gewassen, net als de in te maken paprika, komkommer of augurk. Dan worden de groenten in de gewenste grootte gesneden: de paprika in keurige reepjes, de komkommer en de augurk in plakjes. Of desgewenst in andere vormen. De rode peper kan in dunne ringen gesneden worden. Houdt er rekening mee dat er snel gewerkt moet worden. Het basismengsel moet zo heet mogelijk in de potten gedaan worden. Zorg er voor dat alle benodigdheden en ingrediënten klaar voor het grijpen staan en afgewogen zijn.

Tijd om het basismengsel gereed te maken. Doe alle ingrediënten in de pan en breng deze aan de kook. Laat het mengsel ongeveer vijf minuten zachtjes koken en zet dan het vuur uit. Vul ondertussen de potten met de paprika, of komkommerschijfjes, of de augurkjes, de zilveruitjes tot ongeveer 1,5 cm onder de rand. Giet het basismengsel in de potten tot een cm onder de rand. Zorg er voor dat alles onder staat. Nog even de lucht uit de potten halen door de potten zachtjes op het aanrecht te tikken. Ik gebruik steeds een houten snijplank om op te tikken.

Dan zo snel mogelijk de deksel op de potten, hoe heter hoe beter. Zijn alle potten stevig dicht gedraaid, dan gaan ze in een pan met kokend water voor ongeveer 10 minuten. Om het risico te verkleinen dat de potten barsten, leg ik een kookrooster in de pan, daarop de potten. Het water niet hoger dan driekwart van de pot. Na 10 minuten kan het vuur uit en de potten laten afkoelen in het water. Zijn de potten afgekoeld, dan een sticker met datum van inmaken er op. Gedurende twee tot vier weken bewaren op een donkere koele plaats. Na openen is een pot nog een week of zes houdbaar in de koelkast

Meer inmaak-ideeën

Probeer eens mini Roma tomaatjes in te maken. Wel even met een prikkertje een paar gaatjes in de tomaatjes maken om het basismengsel goed te laten marineren.

Of rode pepertjes in ringetjes snijden en overgieten met het basismengsel. Je kunt mildere of juist pittiger pepertjes gebruiken naar je eigen smaak.

Ook lekker zijn Kiska uitjes. Dit zijn kleine pareluitjes, ook wel bekend als “kıska soğan”. Het zijn kleine, ronde uien die qua grootte lijken op zilveruitjes en vaak vers worden verkocht. Ze worden veel gebruikt in de Turkse keuken.

Als je paprika gaat inmaken kook dan de stukjes of reepjes paprika een paar minuten mee in het zacht kokende basismengsel. Voor knapperig heel kort, voor wat zachter een paar minuten langer.

Recept Amsterdamse uien inmaken

Op verjaardagen en partijen werden in het ouderlijk gezin Amsterdamse uien en zoetzure zilveruitjes geserveerd. Op een blokje kaas, een plakje leverworst of zo los een Amsterdamse ui. Mijn moeder grilde van alles wat zoetzuur was. Zij kocht het bij de kruidenier voor mijn vader en ons, kinderen. Tante Rooie Betsie had die afkeer van zoetzuur niet. Die maakte uien, augurken en witte kool in dat het een lust was. Bijna alles kwam uit de eigen volkstuin.

Ik heb de afkeer van zoetzure producten niet geërfd van mijn moeder. Niet bij de vroegere zuurkar, maar te koop in de super, van Kesbeke of van De Leeuw Zuurhandel. Maar hoe zijn die Amsterdamse uien en ingemaakte zilveruitjes in de Nederlandse keuken beland? 

De geschiedenis van Amsterdamse uien hangt nauw samen met de instroom van Asjkenazische Joden uit Oost-Europa, zoals Duitsland en Polen, vanaf de 17e eeuw. Amsterdam was destijds een toevluchtsoord voor vervolgde Joden, en velen vestigden zich in arme wijken zoals de Jodenbuurt. De Joodse keuken uit Oost-Europa stond bol van ‘zuurwaren’: groenten zoals uien, augurken, kool en zelfs haring werden ingelegd in azijn met kruiden om ze langer houdbaar te maken. Dit was een praktische oplossing in een tijd zonder koelkasten, en het paste goed bij de Amsterdamse marktcultuur.

De uien zelf – kleine consumptie- of zilveruitjes – werden direct na de oogst handmatig gepeld en ingelegd in een mengsel van azijn, suiker, zout en specerijen.

Rond 1850 werd ‘De Leeuw Zuurhandel’ opgericht, een pionier in het inleggen van uien, komkommers en haring in houten vaten vol kruidenazijn.  Straatventers, vaak Joodse families, trokken met handkarren door buurten zoals de Jordaan en de Jodenbuurt. Deze ‘zuurkarren’ verkochten de uien huis-aan-huis of op markten, vaak gecombineerd met een rolmops of een stuk kaas. Het was betaalbaar eten voor de arbeidersklasse. 

Families zoals de Kesbekes begonnen thuis te schillen: Camiel Kesbeke liet vrouwen in Amsterdam de uien pellen en bracht ze later naar Zeeland voor efficiëntere verwerking.  Dit leidde tot de oprichting van Kesbeke Fijne Tafelzuren, nog steeds een toonaangevend bedrijf.

De Eerste Wereldoorlog en de economische crisis van de jaren ‘30 versterkten de populariteit; ingelegde uien waren goedkoop en lang houdbaar. In de loop der jaren industrialiseerden bedrijven zoals De Leeuw en Kesbeke: handkarren maakten plaats voor fabrieken.

Ingrediënten: 500 gr wat grotere zilveruitjes, 1 tl Keltisch zeezout, 275 ml natuurazijn, 250 ml water, 125 gr honing, 1 tl kurkumapoeder, 2 tl mosterdzaad, 1 tl peperkorrels, 1 laurierblad, 2 kruidnagels, 1 klein rood pepertje

Aan de slag: Recept Amsterdamse uien inmaken

Waarom kopen als je het ook makkelijk zelf kunt maken? Weet wat je eet. Pel de uitjes zorgvuldig. Bestrooi ze met het zout en laat ze 4 uur pekelen in een schaal in de koelkast. Spoel ze daarna goed af onder koud water en laat uitlekken in een vergiet.

Meng in een pan de azijn, water, suiker en alle kruiden (mosterdzaad, peperkorrels, laurierblad, kurkuma, **. Breng aan de kook op middelhoog vuur en laat 3-5 minuten zachtjes doorkoken, zodat de smaken intrekken. Roer de kurkuma goed door tot een glad papje voor een mooie gele tint.

Voeg de uitgelekte uien toe aan het hete mengsel. Laat 10-15 minuten zachtjes koken op laag vuur. Proef en pas zoet of zuur aan met extra suiker of azijn.

Verdeel de hete uien en het vocht over brandschone, gesteriliseerde glazen potten. Ik zet de potten in de koude oven en laat deze verwarmen tot 150°C en dan voor 15 minuten op 150 graden laten staan. Vul tot 1 cm onder de rand en sluit stevig af met de deksel.

Laat minstens 3 weken intrekken op een donkere, koele plek. Ik bewaar de potten in de koelkast. Ze zijn houdbaar tot 6 maanden. Lekker bij stoofvlees, kaas of stamppot.

Zilveruitjes zelf inmaken

Steeds als we bij de groenteman komen liggen ze me aan te staren; verse zilveruitjes. Eerder maakte ik al gekarameliseerde zilveruitjes in de slowcooker en in de koekenpan. Nu staat op het programma zilveruitjes zelf inmaken. Een experiment. Maar waarom zou het het willen, zelf inmaken?

Natuurlijk zijn er verschillende merken ingemaakte zilveruitjes in de winkel. Ze smaken echter allemaal ongeveer hetzelfde. Door het zelf te maken kan je de smaak aanpassen aan je eigen wensen. In tegenstelling tot veel gekochte zilveruitjes, die vaak extra suiker, zout, of conserveringsmiddelen bevatten, heb je bij zelf inmaken volledige controle. Je kunt onnodige toevoegingen vermijden en natuurlijke aroma’s gebruiken. Je weet wat je eet.

Ik heb zo’n 500 gram zilveruitjes nodig. Ze moeten zo vers en zo klein mogelijk zijn. Dat wordt uitzoeken bij de groenteman. Gelukkig is het zelfbediening en niet al te druk in de winkel. Na wat graaien en selecteren heb ik het benodigde aantal grammen. Inclusief 50 gram meer ‘voor de breuk’. In plaats van de traditionele suiker gebruik ik honing. Hiermee kan ik de gewenste smaakvariatie aanbrengen. Omdat honing wat zoeter is gebruik ik wat meer azijn, zo’n 25 ml meer.

Ingrediënten:

  • 500 g verse zilveruitjes,
  • 275 ml natuurazijn (5-7% zuur),
  • 250 ml water,
  • 125 gr honing,
  • 1 el Keltisch zeezout,
  • 2 tl mosterdzaad,
  • 1 tl dillezaad,
  • 1 tl zwarte peperkorrels,
  • 2laurierbladeren
  • 2 kruidnagels.

Aan de slag: zilveruitjes zelf inmaken

Ik gebruik vier glazen potten waar al eerder zoetzuur in heeft gezeten. Deze uitgebreid in de afwasmachine gehad zodat ze grondig schoon zijn. Om de potten te steriliseren zet ik ze zonder deksel in de oven. De oven op 150 graden en de tijd instellen op 20 minuten. Onze oven is in vijf minuten op 150 graden, zodat het steriliseren zo’n 15 minuten in beslag neemt.

Het pellen van de uitjes is best een werkje. Door ze te overgieten met kokend water en dan met koud water te spoelen zijn de schilletjes makkelijker te verwijderen. Met een scherp mesje aan de onderkant van de uitjes een kerfje zetten en het velletje laat na wat aanmoediging los.

In een pan met dikke bodem gaan achtereenvolgens azijn, water, zout, mosterdzaad, dillezaad en zwarte peperkorrels en wordt aan de kook gebracht. De honing meng ik eerst met wat kokend water om de honing wat makkelijker op te lossen. Dan gaat de honing ook in de pan. Roeren tot de honing en zout oplossen en 5 minuten zachtjes laten koken. 

De gepelde uitjes 1-2 min in kokend water met een snufje zout blancheren. Meteen afgieten en afspoelen met koud water. De uitjes verdelen over de steriele potten. Het hete inmaakvocht in de potten gieten tot 1 cm onder de rand. Hierbij moet ik zorgen dat de kruiden gelijkelijk over de potten verdeeld zijn. Dan meteen de deksel op de pot doen en stevig aandraaien. 

De potten gaan nog 15 minuten in een pan met kokend water, waarbij het water tot 3/4 van de pot komt. Na 15 minuten kunnen de potten in het water afkoelen. Nu komt de fase van geduld hebben. De potten moeten 1 tot 2 weken op een donkere koele plek bewaard worden. Dan is het proces van zilveruitjes zelf inmaken afgerond. Na openen tot 3 maanden in de koelkast bewaren

Probeer ook eens ingemaakte sjalotjes, snel, simpel en verrassend lekker.

Lees hier de geschiedenis van inmaken

Steeds als we bij de groenteman komen liggen ze me aan te staren; verse zilveruitjes. Eerder maakte ik al gekarameliseerde zilveruitjes in de slowcooker en in de koekenpan. Nu staat op het programma zilveruitjes zelf inmaken. Een experiment. Maar waarom zou het het willen, zelf inmaken?
Verse Zilveruitjes zelf inmaken

Geverifieerd door ExactMetrics