Grieks bijgerecht Tzatziki

Grieks bijgerecht Tzatziki
Om dit bijgerecht helemaal tot zijn recht te laten komen, maak ik het een dag van te voren.

Ingrediënten
1 komkommer, 1 bol Soloknoflook, 1 liter Proto (of Dodoni 10%), yoghurt, een scheut olijfolie, wat wijnazijn en een paar klein gesneden blaadjes munt.

De komkommer schillen en met een grove rasp raspen. Een beetje zeezout of Himalayazout er over heen strooien en in een schone theedoek of kaasdoek het vocht er uit knijpen. Dit mag best stevig, zodat bijna alle vocht er uit is. De knoflook heel fijn hakken of raspen. Sommige mensen raspen de knoflook tot moes, dan is een bol extra knoflook niet overbodig.

Meng alle ingrediënten in een ruime schaal door de yoghurt en roer alles goed door elkander. De schaal gaat afgedekt in de koelkast tot de volgende dag.

Een lekkere combinatie is tzatziki met Turks brood en Kotopoulo sto fourno en fêta fourno.

Klassieke Hete Bliksem uit de oven

Je kunt het bereiden als stamppot en als ovengerecht. Hoe je het ook maakt, het blijft klassieke hete bliksem. Ik ga vandaag voor de ovenschotel.

Ingrediënten: 750 gr rundergehakt, 1 kilo aardappels, 6 appels, een forse scheut melk, 125 gram geraspte kaas, 2 uien, 1 theelepel mosterd, een 125 gr boter.

De aardappelen worden geschild en in snijd grove stukken gesneden. Ook de appels worden geschild, van hun klokhuis ontdaan en in grove blokjes gesneden. De uien schillen en snipperen.

Zijn deze voorbereidingen achter de rug, dan kan het koken beginnen. De aardappelen in een brede pan met koud water aan de kook brengen. De aardappelen hebben ongeveer een kwartier nodig om gaar te worden.

Verhit in een hapjespan een klontje ghee en bak de uisnippers glazig. Voeg dan het gehakt toe om te rullen en gaar te bakken.

Doe de appelblokjes in een pan met een klein laagje water. De appels worden ongeveer tien minuten gekookt tot ze zacht zijn.

Zijn de aardappels gaar dan kunnen ze afgegoten worden. Weer terug in de pan om wat uit te dampen. Stamp de aardappels tot puree onder toevoeging van de stukjes boter en de mosterd. Als de boter helemaal is opgenomen, kan de warm gemaakte melk toegevoegd om de puree smeuïg en luchtig te maken . Verwarm de oven voor op 200 graden.

Nu de losse onderdelen klaar zijn, kan de overschotel in elkaar gezet worden. Meng eerst het gehakt door de puree. Schep daarna de appelstukjes door het mengsel. Vet een ovenschaal in en verspreid hierover de puree.

Ik neem nu een appel, schil en snijd in het dunne plakken om daarna te verdelen over de hete bliksem. Strooi de geraspte kaas over het geheel. De schaal gaat voor ongeveer 25 minuten in de oven. Als de bovenkant mooi bruin is, is klassieke hete bliksem uit de oven klaar!

Spitskool Stamppot

We eten vandaag groenten van het seizoen, Spitskool Stamppot. Het recept volgens het Haagse Kookboek: 1,5 spitskool, 1,5 kg aardappel, wat melk, snufje nootmuskaat, boter en zout. Dit recept is wat karig, dus breng ik er wat meer smaak in.

Ingrediënten: 1,2 kilo aardappelen, 1 spitskool, 2 uien, 2 bollen soloknoflook, 1 tl komijnpoeder, 2 el sojasaus, 2 rode paprika, 80 gr geraspte kaas, 2 rookworsten, 125 gr boter, 1 el ghee, zout en peper naar smaak.

Eerst maar het voorbereidende werk: schil de aardappelen, snijdt ze in vieren en spoel ze even af. Dat kunnen de aardappelblokjes in een pan met koud water.

Snijdt de spitskool in dunne reepjes. Even wassen in een vergiet en uitlaten druipen. Schil en snipper de uien en knoflook. Snijdt de paprika in dunne reepjes en halveer deze.

De aardappelen kunnen nu gekookt worden. Het duurt even voordat het water kookt, dus tijd genoeg voor de andere handelingen. Als het water kookt dan duurt het ongeveer een kwartier voordat de aardappelen gaar zijn. Inmiddels kunnen de rookworsten volgens de aanwijzingen op de verpakking warm gemaakt worden.

Komt de pan met aardappelen aan de kook, dan kan de wok met een klont ghee op temperatuur gemaakt worden. De ui en knoflook worden glazig gebakken. Dan kunnen de paprikareepjes, komijnpoeder en de spitskool toegevoegd worden. Het geheel ongeveer 10 minuten wokken. Zodra de kool zacht is, is het gaar.

Inmiddels zijn de aardappelen ook gaar en worden afgegoten. Terug in de pan worden de aardappelen tot een puree gestampt. De boter wordt in stukjes toegevoegd tijdens het stampen. De geraspte kaas door de puree spatelen tot de kaas geheel gesmolten is.

Voor een gladdere puree kan je met de garde de puree luchtig kloppen. Ook kan nu de verwarmde melk toegevoegd worden tot de puree de juiste smeuïgheid heeft.

De inhoud van de wok wordt al omscheppend door de puree gewerkt. Eenmaal goed gemengd is de spitskool stamppot gereed voor opdienen.

Griekse kippensoep, Avgolemono

Een traditionele Griekse kippensoep, Avgolemono. Deze luxe soep wordt door Grieken vaak gegeten met Pasen. Maar ook als de kinderen ziek zijn of, gewoon, door het jaar heen. De soep geeft een boost aan het immuunsysteem.

De basis is kippenbouillon, uiteraard zelfgemaakt en lang getrokken in de slowcooker. Ik laat de kip acht uur trekken. Langer is ook mogelijk, de bouillon wordt alleen maar gezonder door langer te trekken. De eieren en citroensap zorgen voor binding en de karakteristieke smaak.

Ingrediënten: 1 kip, 2 uien, 3 bollen soloknoflook, 3 wortels, 3 laurierblaadjes, 2 stengels bleekselderij, 250 gr rijst, 3 eieren, sap van 2 citroenen, 1 el azijn, ongeveer 1,5 l water, verse peterselie of dille voor de garnering.

Aan de slag: Griekse kippensoep, Avgolemono

Om een stevige bouillon te maken is het zaak om vroeg te beginnen. Ik snijd de kip in stukken en doe deze in de slowcooker. De ui met schil, de wortels en de bleekselderij snijd ik in grove stukken. De knoflook wordt ontdaan van de schil en snijd ik in vieren. De laurierblaadjes, peperkorrels en een el azijn gaan bij de kip. Dan zoveel water toevoegen dat de kip onder staat. De slowcooker kan aan voor 8 uur op ‘Laag’.

Na 8 uren vis ik de kip uit de slowcooker. Om de vingers te sparen is het verstandig om de kip af te laten koelen voordat ik het vlees van de botjes af haal. De rest van de bouillon gaat door de zeef. Zorg wel dat je de bouillon opvangt in de soeppan. Anders was het werk voor niets.

De groenten kunnen vanuit de zeef in de kliko. Hun gezonde stofjes zitten inmiddels in de bouillon. De kip is afgekoeld en geplukt. De stukjes vlees gaan bij de bouillon in de soeppan. De rijst gaat ook in de pan om gaar gekookt te worden volgens de aanwijzingen op het pak.

Breek de eieren in een schaal en pers de citroenen uit. Met de garde de eieren en citroensap goed mengen in een wat grotere kom. Vanuit de pan worden nu ongeveer vijf soeplepels bouillon bij het eier/citroenmengsel gevoegd. Na elk schepje goed roeren tot de vijf schepjes bouillon bij het mengsel toegevoegd en doorgeroerd is. Nu kan het eier/citroen/bouillonmengsel in zijn geheel toegevoegd worden en de Griekse kippensoep, Avgolemono is klaar.

Nog even de dille of peterselie hakken voor de garnering. Ik zet de gehakte peterselie of dille in een schaaltje op tafel zodat iedereen zelf de gewenste hoeveelheid garnering.

Andijviestamppot anders

Het is weer tijd om iets voor mijn schoonmoeder te brouwen: Andijviestamppot anders. Regelmatig brengt VL bakjes diepgevroren maaltijden naar haar moeder. Vooral de smaak van vroeger roepen bij haar moeder, mijn schoonmoeder, dierbare herinneringen op.

Naast broccolitaart, hutspot, verschillende soepen nu ook andijviestamppot. Om de variatie groter te maken maak ik regelmatig een recept wat nét iets anders is dan anders.

Ingrediënten:
500 gram kruimige aardappelen, 500 gram zoete aardappelen, 400 gram gesneden andijvie, 150 gram roomboter, 4 uien, 1 rookworst, zout en peper naar smaak

Aan de slag: Andijviestamppot anders

Zoals te doen gebruikelijk bij aardappelen, de aardappelen en zoete aardappelen schillen en spoelen. In een ruime pan koud water aan de kook brengen en zachtjes doorkoken tot ze gaar zijn. Als de aardappelen koken duurt het ongeveer 10 tot 15 tot ze gaar zijn, maar niet tot moes gekookt.

De uien dienen ook ontdaan te worden van de schil en het eerste laagje onder de schil. Dit eerste laagje -schort geheten- is taai. Snijdt dan de uien in dunne halve ringen. De uiringen dienen op laag vuur gebakken te worden. Dat mag best een half uur zijn, dan karameliseren de uien. Regelmatig omscheppen.

Aardappelen afgieten en even met de deksel open laten staan om te drogen. Daarna met de aardappelstamper grof stampen. Tijdens het stampen de boter in stukjes toevoegen. Blijkt de puree nog niet smeuïg genoeg nog wat boter toevoegen of een klein beetje melk.

Tijd om de andijvie toe te voegen. Beetje bij beetje spatel ik de andijvie door de gestampte aardappelen. Daarna zijn de uien aan de beurt. Deze worden ook voorzichtig door het mengsel gespateld. Zorg daarbij voor een mooie verdeling tussen aardappel, andijvie en ui.

Aangezien schoonmoeder vegetarisch is laten we de rookworst voor wat het is. Deze gaat in de kast voor een keer dat we zelf andijviestamppot maken.

Heb je het recept gemaakt of heb je een vraag? Laat het in de reacties weten!

Uiensoep nóg langzamer

In de klassieke recepten van uiensoep is het belangrijk de uienringen langzaam, heel langzaam te laten karameliseren. In de koekenpan, op laag vuur en redelijk vaak omscheppen. Dan ben je toch al gauw een half uur tot drie kwartier bezig. Dat kan anders. Maar kan uiensoep nóg langzamer?

Ingrediënten
700 gram uien, 1 bolletje soloknoflook, 50 gram boter, 50 ml droge witte wijn, 1 liter bouillon, 4 laurierblaadjes, 1 el tijm, 100 gram geraspte kaas, 1 stokbrood, wat zout en peper naar smaak.

Ik heb niet voor niets een slowcooker. Dus, de uiringen karameliseren in de slowcooker. Eénmaal vullen en instellen, de slowcooker doet gedurende vijf uur wat hij moet doen; op lage temperatuur uien karameliseren.

Wat ik anders nooit doe, doe ik nu wel; de slowcooker voorverwarmen met een stevige klont boter er in. Voor deze keer mag de slowcooker op ‘HOOG’ tijdens het voorverwarmen. Ondertussen pel ik de uien uit hun jasje. Ook de eerste rok (het eerste laagje na de schil) gaat in de kliko, want die is taai. De uien worden in halve ringen gesneden. De knoflookbol ook pellen en fijn snipperen. Als de boter goed gesmolten is kunnen de uiringen en de knoflook in de slowcooker. Ingesteld op ‘Laag’ voor vijf uur. Regelmatig even omscheppen

Ondertussen kan de bouillon goed heet verwarmd worden. Zodra de uiringen bruin zijn kunnen de overige ingrediënten toegevoegd worden; de laurierblaadjes, tijm, witte wijn en de warme bouillon. Eventueel naar eigen believen iets meer bouillon toevoegen, maar dat is een kwestie van smaak. De slowcooker mag nu een uur of twee á drie op ‘Laag’ om het af te maken.

Snijdt het stokbrood in plakjes en strooi er ruim de geraspte kaas er op. Gratineer de kaas onder grill in de oven. De soep serveren in een ruime kom, het broodje erop gelegd.

Verhuizen…

Over verhuizen… Was ik onlangs weer een keer in Amsterdam Noord kwamen de herinneringen opborrelen. Geboren op de Haarlemmerweg, Amsterdam recht tegenover de Gasfabriek, verhuisden we al vlot naar Noord. Van ‘kamer en suite’ naar een huis met een tuintje voor en achter. In de Vogelbuurt. Geen badkamer, geen douche, maar de kinderen in de teil. Op zaterdagavond.

Mijn moeder hield erg van frisse lucht. Dus mijn broertje, klein en kladdig, lag nog in de wagen in de tuin in het zonnetje. Lekker frisse lucht opdoen. Na verloop van tijd ging mijn tante even bij m’n broertje kijken. Hij had gezelschap gekregen. Een rat was in de wagen gekropen en lag heerlijk naast mijn broertje te genieten van de zon. De rat vond het gezellig, mijn tante niet. Hoe mijn ouders de rat of mijn broertje uit de wagen hebben gekregen weet ik niet. Maar mijn broertje heeft er niets aan overgehouden.

Het was de gewoonte geworden dat we om de zes jaar gingen verhuizen… Er waren tekenen dat een verhuizing aanstaande was. Ging mijn moeder witten en behangen dan was een verhuizing niet ver meer. We verhuisden in de wijk. Dat betekende dat mijn vader een handkar of bakfiets regelde. Alle meubilair op de kar en op naar het nieuwe huis, zo’n drie straten verder op. Ome Johan (zeg maar Piet) was een gezellige helpende hand.

In die tijd werd er gekookt met seizoensgroenten en eenvoudige maar voedzame maaltijden. De inkopen werden gedaan bij de kruidenier, de groenteboer, de melkboer. De aardappelboer kwam met paard en wagen door de straat.

Dit keer is het Hete Bliksem. Het recept heb ik beschreven voor de slowcooker. Toentertijd werd Hete Bliksem in gewone pannen gekookt.

Ingrediënten
1 kilo kruimige aardappelen; 1 kilo Elstar appels; 50 g boter; 3 uien; 1 eetlepel mosterd en zo’n 300 gram gerookt spek. (Had mijn moeder een goede bui, dan gingen er nog twee handen gewelde rozijnen in de pan)

De aardappels worden geschild, in vieren gesneden, gespoeld en 10 minuten voorgekookt. De uien worden eveneens geschild en in halve ringen gesneden. De appels schillen en ontdoen van van het klokhuis en in stukken snijden.

Nu kunnen we aan het stapelwerk in de slowcooker beginnen: eerst de halve uiringen onder in de pan; daar boven op de aardappelen en de appels. Helemaal bovenop komt het spek. Wat water toevoegen, zo’n 150 tot 200 milliliter. De slowcooker ingesteld op Laag voor vier uur.

Er kan gegeten worden. Geheel in stijl van toen, de pan op tafel en moeder schepte staand op.

Terug naar het verleden, hutspot.

Een hele tijd had ik de gewoonte om elke vijf jaar een toertje te maken langs de adressen waar mijn ouderlijk gezin heeft gewoond. We hebben op verschillende adressen gewoond in Amsterdam Noord. Veelal in de Vogelbuurt. Vooral niet te verwarren met Vogeldorp. Voor ons ‘Vogelbuurters’ was de suggestie dat we in Vogeldorp zouden wonen een belediging.

Het was al weer zo’n tien jaar geleden dat ik het ritje gemaakt had. Dus op een mooie, wat frisse zonnige dag en tijd voor ‘het toertje’. Dit keer alleen en op de motor. Voor degenen die Amsterdam Noord kennen: via De Bult, de Van Der Pekstraat richting Meeuwenlaan, Vliegenbos langs de woonadressen. Verder naar Blauwe Zand, Nieuwendam, Nieuwendammerdijk, Adelaarsweg via de Kraaienpleinbrug weer naar De Bult weer op huis aan.

Waren de straten toen al smal (een paard en wagen van de aardappelboer, de schillenboer en de melkboer konden er net door heen), nu zijn ze zo pietepeuterig smal. Op vrijdag kwam Rinus de aardappelboer langs. De huisvrouwen (toen een eervolle benaming) hadden hun ramen voor het weekend gelapt. Het paard van Rinus deed de achterbenen uit elkaar, een beetje door de knieën en de staart omhoog. Het paard liet het lustig kletteren. De huisvrouwen boos, de ramen moesten weer gelapt.

Mijn schoonmoeder, naar verluidt geen ster in koken en inmiddels drieëntachtig, houdt van lekker eten. Vooral maaltijden die haar doen denken aan het verleden, de smaken van toen. Eén van haar favorieten is hutspot. Dit recept is passend bij de hang naar het verleden.

Ingrediënten
500 gram klapstuk, 1 kilo kruimige aardappelen; 1 kilo winterpeen; 1 kilo uien, 150 gr boter, een scheutje slagroom en een scheut melk, zout, eventueel peper en kruidnagel.

Aan de slag: Hutspot

Het klapstuk in een uur of drie vier op heel laag vuur gaar koken in ruim water met wat zout en peper. De winterpenen schrappen en in stukjes snijden. De aardappelen schillen en in stukken snijden. De winterpeen- en aardappelstukjes het liefst ongeveer even groot gesneden. De uien geschild in ringen gesneden en gehalveerd.

De uiringen op laag vuur met een forse klont boter smoren voor een (minstens) minuut of 40. De laatste vijf minuten op middel vuur bruin bakken. Nu kunnen de winterpeen, aardappelen in een pan met ruim water en in zo’n 15 minuten gaar koken.

Zodra de peen/aardappelmengsel gaar is kan deze afgegoten worden. Weer terug in de pan met ruim boter, een scheutje slagroom en een scheut (rauwe) melk. Het geheel met de aardappelstamper tot een smeuïg geheel stampen. De hutspot mag een best wel wat grof blijven. De ui toevoegen en goed vermengen. Het klapstuk is in grove stukken gesneden en op de hutspot gelegd. Zo kan de hutspot mét klapstuk geserveerd worden.

Mijn schoonmoeder is vegetarisch, dus laten we het klapstuk achterwege. En daarmee valt dit recept in de categorie ‘vegetarisch’. De hutspot in bakjes, vervoerd naar schoonmoe en daar in de vriezer. Weer voor een paar weken een prettige maaltijd voor haar.

Nu het warmer weer wordt, gaan we op zoek naar zomerse gerechten met ‘de smaken van toen’.

Heb je het recept gemaakt of heb je een vraag? Laat het in de reacties weten!

Kop tot staart: zwezerik

In onze zoektocht naar het bereiden van orgaanvlees kozen we voor de zwezerik. Dat klinkt toch anders dan wat het is; de nog niet ontwikkelde thymusklieren van het kalf. Deze klieren zijn alleen bij jonge kalveren te vinden. Naarmate de dieren ouder worden verdwijnt het. Onze huisslager heeft niet altijd zwezerik in huis. Het stukje vlees is heel populair bij de klanten van de slager, dus moet je er snel bij zijn. En ja, we hebben zwezerik bemachtigd.

Aan de ene kant willen we het vlees zo authentiek mogelijk bereiden, maar ook wel een beetje naar deze tijd en onze ideeën. Dus het befaamde Haagse Kookboek en het Amsterdams Kookboek geraadpleegd. Zowaar hebben we beschrijvingen gevonden zodat we een idee hebben hoe de zwezerik in vroeger dagen werd bereid. Uiteindelijk combineerden we de recepten tot één recept in uitvoering.

Op onze wekelijkse rondgang langs onze favoriete winkels kwamen we bij de slager. De bestelling lag klaar, nog wat bakjes kruiden en afrekenen. Niet dus, de slager had net verse lamslever, vertelde hij. Tot overmaat van ramp liet hij twee prachtige stukken lever zien. Wordt het vandaag lamslever of toch zwezerik?

De keus is snel gemaakt, het wordt lever. De rest van het oorspronkelijke idee blijft hetzelfde: puree van aardappel, meiraapjes en pastinaak. Nieuw voor bij de lever zijn de paddestoelen; witte beukenzwam.

Ingrediënten
500 gram lamslever; 1 ui, 2 bollen soloknoflook, een flinke schep boter, 200 gram beukenzwam, 2 aardappelen (Eigenheimer), 1 pastinaak, 2 meiraapjes, meer boter.

De lever een uurtje buiten de koelkast laten acclimatiseren. Niet droog deppen. De knoflook en ui pellen en grof snijden. Van de beukenzwam snijd ik de onderkant, de ’wortels’ af en maak de paddestoelen los van elkaar. De aardappelen, meiraapjes en pastinaak schillen en in gelijke stukjes snijden. Alle stukjes gaan in een pan koud water waarbij de stukjes nét onder staan. De lever hebben we in drie stukken gesneden.

In een flinke pan gaat een flinke klont boter. Zodra de boter begint te bruisen gaan de stukjes ui en knoflook in de pan. Op laag vuur worden de ui/knoflookstukjes glazig gebakken. Op dat moment worden de stukken lever in de pan gelegd. De lever moet in zijn geheel de pan raken. Uiteindelijk kan het uitdruipvocht van de lever in de pan toegevoegd worden.

In ongeveer zeven minuten per kant wordt de lever bruin gebakken. Is dat gedaan dan kunnen de paddestoelen in de pan. Een paar minuten meebakken tot de paddestoelen bruin kleuren. Dan kan het vuur onder de pan uit en worden de lever/ui/knoflook/paddestoelen in een overschaal gedaan. Nog even een minuut of zeven in de oven op 150 graden nagaren. (Nagaren kan ook met de deksel op de pan en het vuur uit)

Ondertussen wordt de pan met aardappel enz. aan de kook gebracht en de stukjes in ongeveer tien minuten gaar gekookt. Afgieten en de pan even open laten uitdampen. De aardappelstamper wordt in stelling gebracht en de gare stukjes tot puree gestampt. Tegelijk worden stukjes boter toegevoegd tot een smeuiige massa ontstaat.

Met een beetje planning en wat geluk zijn de lever en de puree gelijktijdig klaar en kan er opgediend worden.

De zwezerik komt volgende keer wel aan de beurt. Als de slager tenminste geen andere ideeën heeft.

Bottenbouillon van buitendieren

In een eerder stukje had ik het maken van bouillon al beschreven. Ook de voordelen van bottenbouillon staan daar genoemd. Het is altijd goed om te herhalen wat nu de gezonde stofjes zijn:

‘…In botten zit calcium, fosfor, silicium, magnesium en kalium. In het merg zitten de vitamines A en K2, omega 3 en 6, zink, mangaan, boron en selenium. Dan zitten er nog wat gezonde dingen in het bindweefsel…’
De opsomming kan compleet gemaakt worden met collageen, proline, glycine, natrium, fosfor, ijzer. Bottenbouillon bevat sulfaat, hyaluronzuur en glucosamine. Deze stoffen maken dat bottenbouillon een weldaad is voor je darmen en je huid.

Nu zitten deze stoffen in de botten, poten, gewrichten, huid en die wil je in de bouillon krijgen. Daar voor is nodig, een slowcooker, de juiste botten, water, een scheut appelazijn en geduld, veel geduld. Vaak worden naast botten ook groenten toegevoegd. Dat doe ik niet. Uiteraard is er geen bezwaar om uien, wortel, prei e.d. toe te voegen tijdens het trekken van de bouillon.

Ik wil een geleiachtige bouillon hebben die ik verdeeld in blokjes in de vriezer bewaar. Voor bruikbare blokjes gebruik ik ijsblokjesvormpjes. De botten zijn van buitenbeesten; runderen, kippen, varkens die dag en nacht buiten zijn en hun zelf hun kostje bij elkaar grazen. Dus op naar de ambachtelijke slager.

Overigens is het goed mogelijk om goede botten online te bestellen bij betrouwbare leveranciers. Toch houd ik het bij de mij bekende slager in verband met het persoonlijke contact en de adviezen.

(kijk uit met de term ‘grasgevoerde runderen’. Er zijn boeren die hun staldieren ‘grasgevoerd’ noemen. Immers runderen eten gras. Vaak worden deze runderen bijgevoerd met krachtvoer)

Maaltijden worden voedzamer door het toevoegen van een blokje bouillon.

Een waarschuwing is op zijn plaats. Door bottenbouillon te maken zal het huis voor langere tijd intensief naar kokend vlees ruiken. Het is aan te bevelen om de pan in de schuur te zetten.

ingrediënten
1 kg bouillonbotten, een scheut biologische appelazijn en water. Je kunt kiezen uit alleen rund, alleen kip, alleen lam, alleen varken maar ook botten van verschillende dieren combineren.

Aan de slag: Bottenbouillon van buitendieren

De botten kunnen in de slowcooker gelegd worden, de pan vullen met water tot de botten ruim onder water staan, maar wel ongeveer een centimeter onder de rand van de pan. Er moet ruimte zijn op te spetteren, de bouillon wil je ín de pan en niet op het fornuis.

De slowcooker instellen op ‘Laag’ en de tijd op het maximale, als het kan op 24 uur. Als dat gebeurd is kan je die dingen doen die je nuttig, prettig of noodzakelijk vindt. Anders duurt het wachten zo lang.

Ik controleer na een uurtje of 10 of er nog genoeg water in de pan zit. Eventueel kan er wat (heet) water toegevoegd worden. Na 24 uur is de helft van het water ingekookt en zit er een dikke gelei-achtige massa in de pan. Deze moet wat afkoelen, maar niet te veel.

Nu komt het vettige klusje, de bouillon overdoen in de vormpjes. We vullen vier ijsvormpjesbakjes en acht grotere bakjes. Deze gaan de ijskast in.

Bij het maken van een maaltijd doen we één blokje in de pan. Voor een lichtere bouillon kan je een blokje in een pan verdunnen met ongeveer een liter water (of meer of minder naar de eigen wens)

Geverifieerd door ExactMetrics