Zelf boter maken

Zelf boter maken. Het leek me een aardig projectje. Was ik er maar niet aan begonnen! Het is een verslavend werkje en het resultaat is verslavend lekker. Zelf boter maken wordt een vast onderdeel van mijn keukenwerkzaamheden. Er zijn geen conserveermiddelen of andere toevoegingen. Weet wat je eet.

Met weinig materiaal, slagroom met een hoog vetgehalte en wat tijd is de klus eenvoudig. We hebben het geluk dat we aan rauwe slagroom met een vetgehalte van tussen de 50 en 60% kunnen komen. Hoe hoger het vetgehalte des te meer boter blijft er als resultaat over.

Rauwe room is ideaal, maar gepasteuriseerde room werkt ook. Room die ultra-hoge temperatuur (UHT) behandeld is zal niet goed karnen en is dus niet bruikbaar. Zorg ervoor dat de room op kamertemperatuur is (ongeveer 18-21°C), dit helpt bij het sneller klonteren van het vet.

Aan materiaal heb je nodig een glazen pot (1 liter) met deksel, een kom, een mixer, een zeef en kaasdoek. Van onze room blijft er ongeveer 250 gram boter over. Gebruik je lichtere room van ongeveer 30 tot 36% vetgehalte dan moet je rekenen op zo’n 175 tot 200 gram. De boter blijft ongeveer een week goed in de koelkast. Maak je een grotere hoeveelheid dan kan het in porties in de vriezer en blijft het jaren goed. 

Ingrediënten: 500 ml rauwe room, 2 el karnemelk of (Griekse) yoghurt van 10%

Aan de slag: zelf boter maken

Zorg er voor dat de room op kamertemperatuur, maar het kom zo koud mogelijk is. Giet de room in de pot en voeg de karnemelk toe. Even roeren zodat alles goed gemengd is. Het deksel losjes op de pot en laat het geheel op kamertemperatuur 12 tot 24 uur fermenteren. Hoe langer de room fermenteert, des te zuurder het wordt. Door het fermenteren wordt de boter langer houdbaar.

Na het fermenteren is de room crème frais geworden. Op zich leuk als dat het doel was. Maar ik ga door naar fase 2, het karnen van de room. De gefermenteerde room giet ik uit de pot in ruime koude kom. Met de mixer beginnen op een lage stand en als het slagroom wordt een standje hoger. Pas op dat de room niet uit de kom spettert. Langzaam aan ontstaan er klonters. Na nog een minuut of wat gaat de room scheiden, schiften. Onder in de kom wordt karnemelk zichtbaar. Dan is het bijna gedaan. 

Nu wordt het best een klusje om de klont boter uit de garde van de mixer te krijgen. Je kan kiezen om de boter in het kaasdoek te leggen en door te wringen het karnemelk er uit te persen. Ik vind het handiger om met de hand het karnemelk uit de boter te knijpen. Dat heb ik het minste verlies van boter.

In een kom met ijswater wordt de boter gewassen door de klont te knijpen en te kneden. Het ijswater wordt troebel. Ga door met kneden totdat het water wat van de boter komt helder is. Is dat gedaan dan kan je de boter droog deppen en in een vorm kneden.

Er zijn aardige botervormen te koop, maar ik vind de rustieke geknede vorm het meest passend. De boter nog even in twee porties verdelen en in boterpapier verpakken. Eén portie in de vriezer en de tweede portie voor direct gebruik. De overgebleven karnemelk kan gebruikt worden in andere gerechten of direct opgedronken worden.

Oliebollencake met appel

Oudjaarsavond is in aantocht. Nog een paar dagen. Uiteraard bestellen we oliebollen, appelbeignets en kaneelbollen bij de Echte Bakker in het dorp. Dit jaar maken we ook iets anders: oliebollencake met appel.

Ingrediënten: 500 g patentbloem, 1 zakje instant gist, 50 gr witte basterdsuiker, 1 ei, 500 ml handwarme melk, snufje zout, 1 zoetzure appel, 1 tl kaneel, wat boter. (Voor de echte oliebollen-ervaring voeg je krenten, rozijnen en sukade toe)

Aan de slag: oliebollencake met appel

Schil de appel en snijd in kleine blokjes. Bestrooi de blokjes met wat kaneel en zet apart. Meng in een grote kom de bloem, suiker, gist en zout. Voeg het handwarme melk en het ei toe. Meng het met een garde tot een luchtig glad beslag. Spatel de appelstukjes voorzichtig door het beslag.

Dek de kom af met een schone theedoek en laat het beslag op een warme, tochtvrije plaats tot het in volume is verdubbeld. Dat zal zo’n 60 minuten in beslag nemen.

Verwarm de oven voor op 180°C. Vet een tulbandvorm in met boter. Giet of spatel het gerezen beslag voorzichtig in de ingevette bakvorm en verdeel het beslag door de hele vorm.

Bak de cake in de voorverwarmde oven in ongeveer 45-60 minuten goudbruin en gaar. Controleer met een satéprikker of de cake gaar is; als deze er droog uitkomt, is de cake klaar.

Laat de cake na het bakken even afkoelen in de vorm en stort dan de cake op een rooster. Bestrooi de oliebollencake met appel royaal met poedersuiker. 

Overgebleven oliebollen

Zoals elk jaar gaan niet alle oliebollen op Oudjaarsavond en Nieuwjaarsdag op. Weggooien is zonde en aan de vogeltjes geven schijnt ook niet best te zijn. We maken van over gebleven oliebollen wentelteefjes.

Hier voor snijden we de oliebollen in plakjes van ongeveer 1 cm dik. Van wat melk, een ei en wat kaneelpoeder maken we een mengsel waar we de oliebolplakken door heen halen. Wat boter in de koekenpan en de plakken oliebol aan beide kanten bakken goudbruin.

Een oliebollencake van overgebleven oliebollen is ook een optie. Snijdt de oliebollen in plakjes van ongeveer 1 cm dik. Snijdt een appel in dunne plakjes. Meng 250 ml melk, 2 eieren, 100 gr suiker en een tl kaneel in een ruime kom.

Vet een cakevorm in met boter en leg op de bodem een laagje oliebolplakjes en appelplakjes. Giet er wat melk/ei- mengsel over. Dan weer een laagje oliebol- en appelplakjes en wat mengsel er over. Maak zoveel laagjes als je ingrediënten hebt.

Verwarm de oven voor op 180 graden en bak de oliebollencake in ongeveer 60 minuten gaar. De bakvorm kan dan uit de oven en afkoelen. Eenmaal afgekoeld kan de cake op een bord worden gestort.

Masterclass Roma mini tomaatjes inmaken

Roma Mini tomaatjes inmaken, het is makkelijk maar je moet wel weten hoe en wat te doen. Er zijn meerdere manieren om tot een goed resultaat te komen. Ik heb gekozen voor een eenvoudig recept voor deze Masterclass Roma mini tomaatjes inmaken.

Ingrediënten (voor ± 500–600 ml pot): 400 g Roma-minitomaatjes (vers, stevig en onbeschadigd),1 flinke tl dillezaad, 1 tl zwarte peperkorrels (heel), 1 tl gele mosterdzaad, 2 laurierblaadjes (droog of vers) optioneel: 1 klein teentje knoflook (gepeld en licht gekneusd), 1/2 sjalotje of een paar dunne ringetjes rode ui

Voor het inmaakmengsel: 275 ml natuurazijn 5-7%, 225 ml water, 125 g honing,1 tl Keltisch zeezout

Aan de slag: Masterclas Roma mini tomaatjes inmaken

Was de tomaatjes voorzichtig en overgiet ze in een vergiet met heet water. Prik dan met een dunne satéprikker elk tomaatje 2-3 keer in (zodat ze niet barsten en het vocht goed intrekt).

Doe in een steelpan 300 ml azijn, 250 ml water, 125 g honing en 1 tl zout. Voeg dan de kruiden toe en breng het mengsel aan de kook. Laat het zachtjes koken tot honing en zout volledig zijn opgelost. Proef even: het moet pittig zoet-zuur zijn. Zorg ervoor dat het mengsel en de gesteriliseerde pot met deksel gelijktijdig klaar zijn.

Ik zet altijd de te gebruiken pot de avond tevoren in de afwasmachine op het heetste programma. De dag van het inmaken zet ik de pot in de koude oven en verwarm de oven op 150 graden. Daarna laat ik de pot voor 15 minuten op 150 graden steriliseren. De deksel zet ik voor 15 minuten in kokend water. Als de tijd voorbij is haal ik de deksel met een tang uit het water en leg deze te drogen op een schone theedoek. De pot met een kooktang uit de oven op de schone theedoek. Raak niet de hals van de pot of de binnenkant van de deksel aan. Deze zijn gesteriliseerd!

Stop de tomaatjes in de hete pot. Schudt even voorzichtig zodat de tomaatjes netjes verdeeld zijn. Giet dan het kokend hete vocht tot ongeveer 1,5cm onder de rand over de tomaatjes. Tik een paar keer met de pot voorzichtig op het aanrecht om luchtbellen te verwijderen. Gebruik een dubbelgevouwen theedoek of een houten snijplank hiervoor. Veeg de rand schoon met een stukje keukenpapier met azijn.

Dan moet de pot afkoelen. Dat kan op twee manieren; de snelle ‘koelkastversie’ Draai de deksel goed dicht en laat afkoelen. Zodra de pot koud is gaat het in de koelkast. Na 2-3 weken op smaak, na 4-6 weken perfect. De tomaatjes zijn dan drie tot zes maanden ongeopend houdbaar in de koelkast.

De tweede methode is het Inmaken in waterbad. De tomaatjes zijn dan ruim een jaar houdbaar op een koele donkere plek. Zet de gesloten pot in een grote pan met kokend water. Het water moet minimaal tot 3/4e van de pot komen. Breng het water aan de kook en laat 15 minuten zachtjes koken, vanaf het moment dat het water kookt. Laat de pot afkoelen in het water. Je hoort vaak “plop” als het vacuüm trekt. Zijn het water en de pot afgekoeld kan de pot op een donkere koele plaats bewaard worden. Wel even een sticker met de datum van inmaak op de pot plakken. De tomaatjes zijn op smaak na ongeveer twee tot zes weken. Na opening nog een een week of vier te bewaren in de koelkast.

Variatietips: Pittiger? Voeg een gedroogde chilipeper of ½ tl chilivlokken toe. Mediterraans? Extra ½ tl korianderzaad + een takje verse dille. 

Geniet van je huisgemaakte Roma mini tomaatjes! Ze zijn verslavend lekker en zien er prachtig uit in de voorraadkast. Veel succes en eet smakelijk! 

De basis van het zelf inmaken

Sinds enige tijd ben ik bezig met het zelf inmaken van zilveruitjes, komkommer, paprika en het maken van Amsterdamse uien. Een leuk en ontspannend werkje wat niet al te veel tijd in beslag neemt. Door zelf in te maken kan ik de gewenste smaak bepalen en werken met verse ingrediënten. In deze tijd waar de voedselveiligheid in het geding is door industriële voedselbereiding en bewerkt en ultra-bewerkt voedsel in de supermarkt wordt het steeds belangrijker dat je weet wat je eet. De basis van het zelf inmaken.

Ik ben begonnen met het zelf inmaken van zilveruitjes en het maken van Amsterdamse uitjes. Op het programma staan nog paprika, komkommer en augurk. Van elk soort maak ik zo’n vier potten van rond de 350 ml. Om te beginnen heb ik dan ook twintig potten met metalen deksel nodig. Die zijn voor niet veel geld te koop. Het mooie van potten kopen is dat je gelijke potten hebt. Dat staat netjes in het rek. Wil je geen geld uitgeven, dan kan je potten sparen. 

De basis van het zelf inmaken

Belangrijk bij het zelf inmaken is hygiëne. Je wilt geen vervelende bacteriën is je inmaakpotten. Dus, schone potten en deksels, schone handen en schoon materiaal. Ik doe de potten die ik denk te gebruiken een avond te voren in de afwasmachine op het heetste programma. Vlak voor ik ze gebruik zet ik de potten in de oven op 150 graden. Voorverwarmen is niet nodig. Als de oven op 150 graden is zet ik de timer op 15 minuten. De deksels heb ik in een schaal met kokend water gelegd.

Zijn de 15 minuten om dan kunnen de potten uit de oven. Het beste kan dat met een kooktang! De potten en de deksels op een schone theedoek zetten zodat ze droog kunnen stomen. Let op: alléén de rand van de deksel aanraken en vooral niet de binnenkant.

Ik werk steeds met hetzelfde basismengsel van water en azijn voor 500 gram in te maken groenten: Ingrediënten: 275 ml natuurazijn (5-7% zuur), 225 ml water, 125 gr honing, 1 el Keltisch zeezout, 2 tl mosterdzaad, 1 tl dillezaad, 1 tl zwarte peperkorrels, 1 laurierblad, 2 kruidnagels

Naar eigen wens en smaak kan je kruiden bijvoegen om de smaak te verrijken. Ik gebruik soms als extra smaakmaker korianderzaad, jeneverbessen, karwijzaad, gerookte paprikapoeder, kurkuma of rode peper. Ik houd het eenvoudig met één of twee extra smaakmakers. 

Gebruik je verse kruiden dan worden deze eerst gewassen, net als de in te maken paprika, komkommer of augurk. Dan worden de groenten in de gewenste grootte gesneden: de paprika in keurige reepjes, de komkommer en de augurk in plakjes. Of desgewenst in andere vormen. De rode peper kan in dunne ringen gesneden worden. Houdt er rekening mee dat er snel gewerkt moet worden. Het basismengsel moet zo heet mogelijk in de potten gedaan worden. Zorg er voor dat alle benodigdheden en ingrediënten klaar voor het grijpen staan en afgewogen zijn.

Tijd om het basismengsel gereed te maken. Doe alle ingrediënten in de pan en breng deze aan de kook. Laat het mengsel ongeveer vijf minuten zachtjes koken en zet dan het vuur uit. Vul ondertussen de potten met de paprika, of komkommerschijfjes, of de augurkjes, de zilveruitjes tot ongeveer 1,5 cm onder de rand. Giet het basismengsel in de potten tot een cm onder de rand. Zorg er voor dat alles onder staat. Nog even de lucht uit de potten halen door de potten zachtjes op het aanrecht te tikken. Ik gebruik steeds een houten snijplank om op te tikken.

Dan zo snel mogelijk de deksel op de potten, hoe heter hoe beter. Zijn alle potten stevig dicht gedraaid, dan gaan ze in een pan met kokend water voor ongeveer 10 minuten. Om het risico te verkleinen dat de potten barsten, leg ik een kooktooster in de pan, daarop de potten. Het water niet hoger dan driekwart van de pot. Na 10 minuten kan het vuur uit en de potten laten afkoelen in het water. Zijn de potten afgekoeld, dan een sticker met datum van inmaken er op. Gedurende twee tot vier weken bewaren op een donkere koele plaats. Na openen is een pot nog een week of zes houdbaar in de koelkast

Meer inmaak-ideeën

Probeer eens mini Romatomaatjes in te maken. Wel even met een prikketje een paar gaatjes in de tomaatjes maken om het basismengsel goed te laten marineren.

Of rode pepertjes in ringetjes snijden en overgieten met het basismengsel. Je kunt mildere of juist pittiger pepertjes gebruiken naar je eigen smaak.

Ook lekker zijn Kiska uitjes. Dit zijn kleine pareluitjes, ook wel bekend als “kıska soğan”. Het zijn kleine, ronde uien die qua grootte lijken op zilveruitjes en vaak vers worden verkocht. Ze worden veel gebruikt in de Turkse keuken.

Als je paprika gaat inmaken kook dan de stukjes of reepjes paprika een paar minuten mee in het zacht kokende basismengsel. Voor knapperig heel kort, voor wat zachter een paar minuten langer.

Recept Amsterdamse uien inmaken

Op verjaardagen en partijen werden in het ouderlijk gezin Amsterdamse uien en zoetzure zilveruitjes geserveerd. Op een blokje kaas, een plakje leverworst of zo los een Amsterdamse ui. Mijn moeder grilde van alles wat zoetzuur was. Zij kocht het bij de kruidenier voor mijn vader en ons, kinderen. Tante Rooie Betsie had die afkeer van zoetzuur niet. Die maakte uien, augurken en witte kool in dat het een lust was. Bijna alles kwam uit de eigen volkstuin.

Ik heb de afkeer van zoetzure producten niet geërfd van mijn moeder. Niet bij de vroegere zuurkar, maar te koop in de super, van Kesbeke of van De Leeuw Zuurhandel. Maar hoe zijn die Amsterdamse uien en ingemaakte zilveruitjes in de Nederlandse keuken beland? 

De geschiedenis van Amsterdamse uien hangt nauw samen met de instroom van Asjkenazische Joden uit Oost-Europa, zoals Duitsland en Polen, vanaf de 17e eeuw. Amsterdam was destijds een toevluchtsoord voor vervolgde Joden, en velen vestigden zich in arme wijken zoals de Jodenbuurt. De Joodse keuken uit Oost-Europa stond bol van ‘zuurwaren’: groenten zoals uien, augurken, kool en zelfs haring werden ingelegd in azijn met kruiden om ze langer houdbaar te maken. Dit was een praktische oplossing in een tijd zonder koelkasten, en het paste goed bij de Amsterdamse marktcultuur.

De uien zelf – kleine consumptie- of zilveruitjes – werden direct na de oogst handmatig gepeld en ingelegd in een mengsel van azijn, suiker, zout en specerijen.

Rond 1850 werd ‘De Leeuw Zuurhandel’ opgericht, een pionier in het inleggen van uien, komkommers en haring in houten vaten vol kruidenazijn.  Straatventers, vaak Joodse families, trokken met handkarren door buurten zoals de Jordaan en de Jodenbuurt. Deze ‘zuurkarren’ verkochten de uien huis-aan-huis of op markten, vaak gecombineerd met een rolmops of een stuk kaas. Het was betaalbaar eten voor de arbeidersklasse. 

Families zoals de Kesbekes begonnen thuis te schillen: Camiel Kesbeke liet vrouwen in Amsterdam de uien pellen en bracht ze later naar Zeeland voor efficiëntere verwerking.  Dit leidde tot de oprichting van Kesbeke Fijne Tafelzuren, nog steeds een toonaangevend bedrijf.

De Eerste Wereldoorlog en de economische crisis van de jaren ‘30 versterkten de populariteit; ingelegde uien waren goedkoop en lang houdbaar. In de loop der jaren industrialiseerden bedrijven zoals De Leeuw en Kesbeke: handkarren maakten plaats voor fabrieken.

Ingrediënten: 500 gr wat grotere zilveruitjes, 1 tl Keltisch zeezout, 275 ml natuurazijn, 250 ml water, 125 gr honing, 1 tl kurkumapoeder, 2 tl mosterdzaad, 1 tl peperkorrels, 1 laurierblad, 2 kruidnagels, 1 klein rood pepertje

Aan de slag: Recept Amsterdamse uien inmaken

Waarom kopen als je het ook makkelijk zelf kunt maken? Weet wat je eet. Pel de uitjes zorgvuldig. Bestrooi ze met het zout en laat ze 4 uur pekelen in een schaal in de koelkast. Spoel ze daarna goed af onder koud water en laat uitlekken in een vergiet.

Meng in een pan de azijn, water, suiker en alle kruiden (mosterdzaad, peperkorrels, laurierblad, kurkuma, **. Breng aan de kook op middelhoog vuur en laat 3-5 minuten zachtjes doorkoken, zodat de smaken intrekken. Roer de kurkuma goed door tot een glad papje voor een mooie gele tint.

Voeg de uitgelekte uien toe aan het hete mengsel. Laat 10-15 minuten zachtjes koken op laag vuur. Proef en pas zoet of zuur aan met extra suiker of azijn.

Verdeel de hete uien en het vocht over brandschone, gesteriliseerde glazen potten. Ik zet de potten in de koude oven en laat deze verwarmen tot 150°C en dan voor 15 minuten op 150 graden laten staan. Vul tot 1 cm onder de rand en sluit stevig af met de deksel.

Laat minstens 3 weken intrekken op een donkere, koele plek. Ik bewaar de potten in de koelkast. Ze zijn houdbaar tot 6 maanden. Lekker bij stoofvlees, kaas of stamppot.

In de koekenpan gesmoorde paddenstoelen

Sinds onze groenteboer regelmatig verse bundelzwam in voorraad heeft, zijn we enthousiast over de smaak en het gemak om de zwammen te bereiden. Onze favoriet zijn de in de koekenpan gesmoorde paddenstoelen.

Gesmoorde paddenstoelen zijn een goede vleesvervanger. Paddenstoelen bevatten essentiële voedingsstoffen zoals B-vitaminen (B2, niacine, foliumzuur), kalium, koper, selenium, ijzer en zink. Ze bevatten van nature zeer weinig calorieën en vet. Paddenstoelen zijn een goede bron van voedingsvezels en antioxidanten.

Bundelzwammen zijn zacht van smaak en goed gesmoord boterzacht. Desgewenst een vleugje tijm er over geeft wat extra smaak.

Ingrediënten: 1 pakje witte bundelzwam, 1 pakje bruine bundelzwam, 1 el ghee, 1 kleine ui, 1 bolletje soloknoflook, Keltisch zeezout en peper naar smaak.

Aan de slag: In de koekenpan gesmoorde paddenstoelen

Dit recept is eenvoudig, maar vergt wat geduld. De bundelzwammen zitten vast aan de basis, zeg maar de wortels. Door eenvoudig de zwammen los te snijden van de basis zijn de ze klaar voor bereiding. Het uitje en de knoflook worden heel fijn gesnipperd.

In de grote gietijzeren koekenpan verhit ik een el ghee. Eerst gaan de gesnipperde ui en knoflook in de pan. Even met de spatel doorroeren en bakken tot het mengsel glazig is. Dan kan het vuur op laag. Na een paar minuten de paddenstoelen toevoegen en regelmatig om spatelen.

Na een minuut of vijf kan de koekenpan op een zo laag mogelijk vuur om de zwammen een half uur te smoren. Af en toe omscheppen om de paddenstoelen gelijkmatig te bruinen en aanzetten te voorkomen.

Na een half uurtje is het zaak om te kijken of de paddenstoelen zacht zijn. Dan zijn de in de koekenpan gesmoorde paddenstoelen klaar om geserveerd te worden. Wij eten dit vanavond in combinatie met gehaktbrood van kippengehakt

Sinds onze groenteboer regelmatig verse bundelzwam in voorraad heeft, zijn we enthousiast over de smaak en het gemak om de zwammen te bereiden. Onze favoriet zijn de in de koekenpan gesmoorde paddenstoelen.
Bundelzwam. In de koekenpan gesmoorde witte en bruine bundelzwammen

Shakshuka met eieren in pittige tomatensaus

Ik moet er niet aan denken; shakshuka als ontbijt. Op de vroege ochtend staan roeren in een tomaten/groentensaus doet mij grillen. Toch is het ooit ontstaan als een ontbijt of lunchgerecht. Wij eten het als avondmaaltijd. Shakshuka met eieren in pittige tomatensaus

De basis van het gerecht bestaat uit een gekruide saus van tomaten, uien, pepertjes en paprika’s, waarin gepocheerde eieren worden gegaard. Vaak wordt het gekruid met komijn, paprikapoeder en cayennepeper. VL improviseert graag met dit gerecht. Steeds weer een iets andere smaak en een verrassing.

Ingrediënten: ui en knoflook, 2 paprika’s, 3 rode pepers, 250 bundelzwam, 6 kastanjechampginons, 2 pakjes tomatenblokjes, 200 gr feta, 6 eieren, 1 el ghee, zout en peper naar smaak, 1 tl komijnzaad, 3/4 tl paprikapoeder, 1/2 kurkuma, 1/4 tl cayennepeper, 1/2 tl zwarte peper.

Aan de slag: Shakshuka met eieren in pittige tomatensaus

Shakshuka met eieren in pittige tomatensaus
Shakshuka met eieren in pittige tomatensaus

Sajoerboontjes met tempé-crumble

Sajoerboontjes met tempé-crumble

Ingrediënten voor de sajoer:

750 gr sperziebonen, 1 grote ui, 1 bolletje soloknoflook, 1 tl laospoeder, 1 tl gemberpoeder, 2 el santen, 1 el sambal oelek, 2 el honing, 2 blaadjes laurier, 4 limoenblaadjes, 1 el ketjap, 1 tomaat, 1 scheut citroengras

Ingrediënten voor de tempé-crumble: 150 g tempé, 1 el ketjap manis, 1 tl gerookte paprikapoeder, 1 el sesamolie

Aan de slag: Sajoerboontjes met tempé-crumble

Eerst maar eens de ingrediënten voorbereiden voor het gebruik. Breek de puntjes van de sperziebonen en breek de boontjes door midden. Pel en snipper de ui en de knoflook fijn. Plet de knoflook met het groentemes. Snijdt de citroengras in tweeën en kneus de stengel met de achterkant van het groentemes. Hak de tomaat in kleine blokjes. Meng in een schaal de ingrediënten voor de boemboe: de gesnipperde ui en knoflook, laospoeder, gemberpoeder, sambal oelek, honing, ketjap tot een soepele grove pasta. 

Tempé-crumble
Verkruimel de tempé grof in een schaaltje. Verhit de sesamolie in een koekenpan. Bak de verkruimelde tempé op middelhoog vuur ± 5 min tot goudbruin en knapperig. Voeg ketjap en gerookte paprika toe, schep om en bak nog 1 min.

Verhit in een grote wok de ghee en bak de boemboe voor ongeveer vijf minuten. Voeg het gekneusde citroengras, de limoenblaadjes en de gehakte tomaat toe en bak het kort mee. Dan kunnen de sperziebonen in de wok.  Nu nog de wok vullen met water tot de boontjes onderstaan. Breng op middelvuur het mengsel aan de kook.

Zodra het kookt zet dan het vuur laag en laat het gerecht een uur pruttelen. Regelmatig omscheppen en kijken of de boontjes nog onder staan. Na een uur zijn de boontjes zacht en de saus wat ingedikt. Verwijder het citroengras. Breng op smaak met wat ketjap of zout. Schep de tempé crumble door de sajoerboontjes. Een lekkere combinatie met rendang en rijst.

Zilveruitjes zelf inmaken

Steeds als we bij de groenteman komen liggen ze me aan te staren; verse zilveruitjes. Eerder maakte ik al gekarameliseerde zilveruitjes in de slowcooker en in de koekenpan. Nu staat op het programma zilveruitjes zelf inmaken. Een experiment. Maar waarom zou het het willen, zelf inmaken?

Natuurlijk zijn er verschillende merken ingemaakte zilveruitjes in de winkel. Ze smaken echter allemaal ongeveer hetzelfde. Door het zelf te maken kan je de smaak aanpassen aan je eigen wensen. In tegenstelling tot veel gekochte zilveruitjes, die vaak extra suiker, zout, of conserveringsmiddelen bevatten, heb je bij zelf inmaken volledige controle. Je kunt onnodige toevoegingen vermijden en natuurlijke aroma’s gebruiken. Je weet wat je eet.

Ik heb zo’n 500 gram zilveruitjes nodig. Ze moeten zo vers en zo klein mogelijk zijn. Dat wordt uitzoeken bij de groenteman. Gelukkig is het zelfbediening en niet al te druk in de winkel. Na wat graaien en selecteren heb ik het benodigde aantal grammen. Inclusief 50 gram meer ‘voor de breuk’. In plaats van de traditionele suiker gebruik ik honing. Hiermee kan ik de gewenste smaakvariatie aanbrengen. Omdat honing wat zoeter is gebruik ik wat meer azijn, zo’n 25 ml meer.

Ingrediënten: 500 g verse zilveruitjes, 275 ml natuurazijn (5-7% zuur), 250 ml water, 125 gr honing, 1 el Keltisch zeezout, 2 tl mosterdzaad, 1 tl dillezaad, 1 tl zwarte peperkorrels, 1 laurierblad, 2 kruidnagels.

Aan de slag: zilveruitjes zelf inmaken

Ik gebruik vier glazen potten waar al eerder zoetzuur in heeft gezeten. Deze uitgebreid in de afwasmachine gehad zodat ze grondig schoon zijn. Om de potten te steriliseren zet ik ze zonder deksel in de oven. De oven op 150 graden en de tijd instellen op 20 minuten. Onze oven is in vijf minuten op 150 graden, zodat het steriliseren zo’n 15 minuten in beslag neemt.

Het pellen van de uitjes is best een werkje. Door ze te overgieten met kokend water en dan met koud water te spoelen zijn de schilletjes makkelijker te verwijderen. Met een scherp mesje aan de onderkant van de uitjes een kerfje zetten en het velletje laat na wat aanmoediging los.

In een pan met dikke bodem gaan achtereenvolgens azijn, water, zout, mosterdzaad, dillezaad en zwarte peperkorrels en wordt aan de kook gebracht. De honing meng ik eerst met wat kokend water om de honing wat makkelijker op te lossen. Dan gaat de honing ook in de pan. Roeren tot de honing en zout oplossen en 5 minuten zachtjes laten koken. 

De gepelde uitjes 1-2 min in kokend water met een snufje zout blancheren. Meteen afgieten en afspoelen met koud water. De uitjes verdelen over de steriele potten. Het hete inmaakvocht in de potten gieten tot 1 cm onder de rand. Hierbij moet ik zorgen dat de kruiden gelijkelijk over de potten verdeeld zijn. Dan meteen de deksel op de pot doen en stevig aandraaien. 

De potten gaan nog 10 minuten in een pan met kokend water, waarbij het water tot 3/4 van de pot komt. Na 10 minuten kunnen de potten in het water afkoelen. Nu komt de fase van geduld hebben. De potten moeten 1 tot 2 weken op een donkere koele plek bewaard worden. Dan is het proces van zilveruitjes zelf inmaken afgerond. Na openen tot 3 maanden in de koelkast bewaren.

Steeds als we bij de groenteman komen liggen ze me aan te staren; verse zilveruitjes. Eerder maakte ik al gekarameliseerde zilveruitjes in de slowcooker en in de koekenpan. Nu staat op het programma zilveruitjes zelf inmaken. Een experiment. Maar waarom zou het het willen, zelf inmaken?
Verse zilveruitjes gekarameliseerd Gekarameliseerde verse zilveruitjes Zilveruitjes zelf inmaken

Medicinale knoflooksoep.

Als iemand bij ons in het ouderlijk gezin grieperig was, maakte mijn moeder een vette kippensoep. Een forse kom en je knapte snel op. Kippensoep heeft een medicinale werking. In de volksmond wordt het dan ook Joodse Penicilline genoemd. VL heeft tijdens een langdurige ziekte in haar jeugd weken geleefd op vette kippensoep.

Nu zullen alle landen wel hun versie van medicinale soepen hebben. In mijn zoektocht naar andere medicinale soepen kwam ik deze knoflooksoep tegen op de website van restaurant Blue-blanc. Mijn interesse was gewekt en ging op zoek naar andere recepten van medicinale knoflooksoep.

Zo kwam ik op de volgende uitvoeringen in verschillende landen: Sopa de Ajo (Spanje, vooral Castilië en Baskenland),  Česnečka (Tsjechië), Knoblauchsuppe (Oostenrijk en Centraal-Europa), Aigo Boulido (Frankrijk, Provence en Zuid-Frankrijk), Égetlen fokhagymakrémleves (Hongarije)

Gemeenschappelijk bij de recepten zijn natuurlijk veel knoflook, croutons en bouillon. Bovenal worden alle recepten geprezen om hun medicinale werking en de traditie. Wat nu als ik uit de mij bekende recepten de kenmerkende ingrediënten en bewerkingen combineer tot een ‘Europees’ recept medicinale knoflooksoep? 

Disclaimer: Ik vind het belangrijk dat elk land, streek en gezin hun eigen unieke recepten en tradities behouden en overdragen. Dat staat echter dit experiment om al het goede uit recepten te combineren niet in de weg.

Dit recept combineert de eenvoud van Aigo Boulido, de romigheid van Knoblauchsuppe, de kruidigheid van Česnečka en de rokerige diepte van Sopa de Ajo. Dit recept zal nog verder verfijnd en aangepast worden.

Ingrediënten: 3 bollen knoflook, 150 gr oud brood, 1 liter groentebouillon, 150 ml room, 1 grote ui, 3 el olijfolie, 1 el roomboter, 1 tl gerookte paprikapoeder, 1/2 tl karwijzaad, 1 takje tijm of salie (of ½ tl gedroogd, 2 eieren, zout en peper: naar smaak, geraspte kaas (bijv. Parmezaan)

Aan de slag: Medicinale knoflooksoep

Verwarm de oven voor op 180 graden. Rooster een hele knoflookbol in de oven gewikkeld in bakpapier met olijfolie. Pers de zachte knoflook eruit. Pel de twee andere bollen en de ui en snipper deze fijn. Verhit 2 el olijfolie en 1 el boter in een ruime soeppan met dikke bodem op middelhoog vuur. Fruit de ui en gehakte knoflook 3-5 minuten tot goudbruin. Voeg gerookte paprika en karwijzaad toe en bak deze kort mee.

Giet de bouillon in de pan, voeg de geroosterde knoflook en tijm/salie toe. Breng aan de kook. Voeg 100 g broodblokjes toe en laat 10-15 minuten sudderen tot het brood uit elkaar valt en de soep bindt.

Roer de room langzaam door de soep voor een romige textuur. Proef en breng op smaak met zout en peper. Giet de geklopte eieren langzaam in de hete soep terwijl je roert, voor een zijdezachte binding.

Voor een gladde soep: pureer met een staafmixer (optioneel, afhankelijk van gewenste textuur). Bak de overige 50 g broodblokjes in 1 el olijfolie in een koekenpan (of oven, 5-7 min op 180°C) tot knapperig. Bestrooi met een snufje zout. Schep de soep in kommen, garneer met croutons, een snufje gerookte paprika en eventueel geraspte kaas of verse peterselie. Beterschap met de Medicinale knoflooksoep.

error: Het is niet toegestaan deze tekst te kopiëren
Geverifieerd door ExactMetrics