Middeleeuwse erwten-prei potagie

Stel je voor: je staat in een middeleeuwse keuken boven een dampende pot erwten-prei potagie. Geen grammetjes, geen timer, maar wel een diepe overtuiging dat je maaltijd letterlijk het lichaam in evenwicht brengt. Dat is de humorenleer in de praktijk

De humorenleer is afkomstig van de Griekse arts Hippocrates (ca. 460-370 v.Chr.). Hij zag ziekte als natuurlijk gevolg van een disbalans in het lichaam. De Grieks-Romeinse arts Claudius Galenus (129-216 n.Chr.) werkte de theorie verder uit. Volgens Galenus bestaat het menselijk lichaam uit vier lichaamssappen: bloed, slijm, gele gal en zwarte gal. Deze sappen -humoren genaamd- hebben elk een combinatie van de kwaliteiten warm/koud en vochtig/droog, en corresponderen met de vier elementen (lucht, water, vuur, aarde), de seizoenen en organen.

Raken de lichaamssappen uit balans dan wordt de persoon ziek. Er waren toentertijd verschillende manieren om de balans weer te herstellen. Eén daarvan was via het voedsel.  Middeleeuwse koks gebruikten ingrediënten met andere ingrediënten om zo de humoren weer in balans te krijgen. Zo werd een eenvoudige boeren-potagie (stamppot) niet alleen om de maag te vullen, maar ook gezond volgens deze theorie.

Middeleeuwse erwten-prei potage, een reconstructie. Veel recepten uit de middeleeuwen zijn gebaseerd op de keuken van de rijken en de geestelijkheid. Er zijn weinig tot geen recepten voor de gewone man beschreven. Dit recept is een reconstructie gebaseerd op typische ingrediënten en bereidingswijzen. Middeleeuwse erwten-prei potage.

Aan de slag: Middeleeuwse erwten-prei potagie

Ingrediënten: 300 g gedroogde spliterwten, 2 flinke preien, 1 grote ui, ½ witte kool of een handvol boerenkool/raapstelen, 1 liter water, 1 el reuzel of spekvet, een klein stukje gerookt spek of zout spek in blokjes, Zout naar smaak, scheut wijnazijn of appelazijn,takje tijm, peterselie, salie of laurierblad

Spoel de spliterwten en week ze ’s nachts in koud water. Giet de geweekte erwten af. Snij de prei in ringen en gebruik zowel het wit als het groen. Pel de ui en snipper deze grof. De kool wordt in reepjes gesneden.

Doe de erwten in een grote soeppan met 1 liter water. Breng aan de kook en schep het schuim af. Voeg direct de gesneden prei, ui en kool toe Voeg spekvet/reuzel of blokjes spek toe als je die gebruikt. Breng het geheel aan de kook en zet het vuur laag. Laat het geheel zo’n 3 uur zachtjes koken met deksel op een kiertje. Roer af en toe en voeg water toe als het te dik wordt. Wil je dikke stamppot, voeg dan geen extra water toe. De erwten vallen uiteindelijk uit elkaar en maken het natuurlijk dik.

Als het bijna gaar is (erwten zacht en papperig), stamp je het geheel met een pureestamper of houten lepel tot een grove stamppot. Proef het gerecht en voeg zout toe. Maak het zuur met een scheut azijn of verjus – dit balanceert de zoete erwten en geeft die typische middeleeuwse frisheid (humorenleer: zuur tempert “warm” eten). Strooi er verse peterselie over als je die hebt.

Serveer de Middeleeuwse erwten-prei potagie heet met stevig rogge- of gerstebrood om in te dippen. Eventueel een klontje boter of extra azijn erbovenop.

Gebruik geen bouillonblokjes. Die bestonden toen niet. Gebruik water en vet/spek voor smaak. Maak het dagen van tevoren: potagie stond vaak dagen op het vuur en werd steeds  aangevuld met nieuwe ingrediënten. Voeg voor de variatie pastinaak, raap of wortel toe als je die had. Gebruik geen aardappelen. Die waren nog niet bekend in de Lage Landen.

Bron:historiek.net; Jeanette koockt; eetverleden.nl

Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Ik heb iets met de Middeleeuwen. Heb ik een recept dan heb ik de neiging om naar het oerrecept te zoeken. En dat is vaak ergens in de Middeleeuwen. Eerder beschreef ik stoofperen uit de slowcooker. Nu heb ik de oerversie er van: Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Interessante sites met veel achtergrondinformatie over koken, ingrediënten en recepten in de Middeleeuwen zijn onder andere Eetverleden, Coquinaria en Restaurant Bleu Blanc

Ik gebruik Gieser Wildeman stoofperen. Dit is geen Middeleeuws soort, maar wel een bijzonder goede stoofpeer. De Middeleeuwse soorten zijn St. Rule (of Regul peer): Een luxe perensoort die in de 13e eeuw al bekend was. Black Worcester (Warden peer): dit type “Warden” wordt vaak genoemd als hét voorbeeld van een klassieke middeleeuwse bewaar- en stoofpeer. Poire d’angoisse (“Angstpeer”): Een zeer harde, bittere peer geschikt was om lang te stoven.

Ingrediënten: 12 stevige stoofperen (bijv. Gieser Wildeman, Saint-Rémy of Conference), 500–750 ml rode wijn, 100–150 g honing, 2 kaneelstokjes, 1 tl vers geraspte gember, 2 kruidnagels, 2 tl rode wijnazijn, handje rozijnen

Aan de slag: Middeleeuwse stoofperen in rode wijn met specerijen

Om zo dicht mogelijk bij de historische bereiding te blijven stoof ik de peren op zo laag mogelijk vuur. Suiker was in de Middeleeuwen een luxe. De gewone man gebruikte veelal de goedkopere honing.

In sommige recepten worden de peren niet geschild. Dat geeft een steviger en voedzamer resultaat. In dit recept schil ik de peren wel. Halveer ze eventueel en verwijder het klokhuis, of laat ze heel met steel eraan.

Leg de peren in een ruime pan en giet de rode wijn erover. Vul eventueel aan met wat water als de peren net niet onder staan. Voeg honing, kaneel, gember en kruiden/azijn toe. Breng zachtjes aan de kook.

Laat op zeer laag vuur ongeveer drie uur stoven. De peren moeten zacht worden maar hun vorm behouden, en de siroop moet indikken tot stroperig rood. Haal van het vuur en laat afkoelen in de siroop voor een nóg lekkerder resultaat.

Pittige Indische hachee

Na 1900 werden Indonesische en Chinese gerechten in Nederland geïntroduceerd. Nasi goreng, bami en loempia’s werden al snel vernederlandst. Met aardappelen, sperziebonen en een schep appelmoes erbij. Recepten in Nederlandse kookboeken werden aangepast aan de Nederlandse smaak. In dit verhaal komt Pittige Indische hachee aan bod.

Maar het ging ook de andere kant op. In Indonesië en (later) Suriname kregen typisch Nederlandse gerechten een eigen tropische draai omdat koloniale ambtenaren, militairen en repatrianten hun stamppot en hachee niet wilden missen.

Zo is er de Indo-stamppot. Boerenkool of zuurkool werd gemengd met santen (kokosmelk), lomboks, trassi en soms ketjap. De rookworst maakte plaats voor een pittig gekruide zelfgemaakte worst of gewoon gebakken tempe. In Suriname gebeurde iets vergelijkbaars: daar werd hutspot of stamppot andijvie verrijkt met madame-jeanette-pepers, zoutvlees en soms cassave in plaats van aardappel.

Hachee werd in Indonesische keukenboeken uit de jaren ’20 en ’30 ‘semur daging’: hetzelfde langgestoofde rundvlees met uien, maar dan met ketoembar, djinten, salamblad en flinke scheuten ketjap manis. Het resultaat was zoeter en geuriger dan het origineel.

Ook erwtensoep onderging een smaakaanpassing. In Suriname heet het ‘erwten-soep met zoutvlees en pimentpeper’ en is een stuk pittiger en dunner dan de Nederlandse plankdikke snert. In Indonesië werd hij soms vervangen door ‘soto babi’ waarbij spliterwten, varkensvlees en kruiden een heel eigen soep opleverde.

Ingrediënten: 1 kilo riblappen, 1 kilo gele ui, 3 bolletjes soloknoflook, 1 tl paprikapoeder, 6 limoenblaadjes, 100 ml rode wijn, 4 el sojasaus, 2 tl sambal oelek, 1 tl serehpoeder, 70 gr tomatenpuree, witte wijnazijn, 1 el honing, 1 el ghee, 100 ml bouillon, 2 laurierblaadjes, 2 kruidnagels, zout en peper

Aan de slag: Pittige Indische hachee

Eerst maar eens het snijwerk. Onze natuurslager heeft mooie stukken riblappen geleverd. Uiteraard een uur van te voren uit de koelkast gehaald om op kamertemperatuur te komen. Dit keer snijd ik het vlees in wat grotere blokjes. De uien pellen en in halve ringen snijden. De knoflook eveneens pellen en in achten snijden.

De rest van de ingrediënten afgewogen en afgemeten. De paprikapoeder, sojasaus, sambal, serehpoeder, honing, tomatenpuree en witte wijnazijn in een kommetje om goed te mengen.

De uiringen met een el ghee in de hapjespan om langzaam op laag vuur licht bruin te worden. Neem hier ruim de tijd voor. Regelmatig omscheppen zorgt er voor dat alle uiringen gelijkmatig bruinen. Ondertussen kan ik het vlees aanbraden in de soeppan. Een el ghee goed heet laten worden, het vlees in de pan en regelmatig omscheppen.

Zodra het vlees licht bruin is dan de inhoud van het kommetje over het vlees gieten en twee minuten mee bakken. Daarna kan de hele inhoud in de slowcooker. De uien gaan ook in de slowcooker om goed met het vlees mengen. De kruidnagels in de laurierblaadjes prikken en samen met de limoenblaadjes in de slowcooker en wat onder duwen. Nu kan de slowcooker op standje ‘Laag’ voor de komende acht uur.

Na acht uur is het vlees zacht en geurt het gerecht aangenaam. Is het nog wat te nat, dan kan de deksel van de pan om het vocht wat in te laten dikken. Een andere manier is met een papje van arrow root en water de saus dikker te maken. De pittige Indische hachee is klaar. We eten en rijst en bloemkoolsmoor bij.

bron: Aziatische keuken in Nederland

Stoofvlees Rendang Daging Sapi

Het stond al een hele tijd op de planning; Stoofvlees Rendang Daging Sapi. Steeds kwam het er niet van. Of we hadden niet alle ingrediënten in huis, of waren we het gewoon vergeten. Tot nu toe dan.

Ingrediënten: 1 kilo sukadelappen of runderriblappen, of andere stooflappen, 1 el ghee, 1 blok santen, 1 grote ui, 5 tenen verse knoflook, 1 tl laos, 1 tl gemberpoeder, 1/2 tl kurkuma, 1,5 el sambal oelek, 2 el honing, 1 el tamarinde, 75 ml volle melk, 2 stengels citroengras, 4 blaadjes laurierblad, 8 blaadjes limoenblad.

Aan de slag: Stoofvlees Rendang Daging Sapi

Eerst maak ik de boemboe. De ui en de knoflook pellen, pletten en heel fijn snipperen. Doe alle ingrediënten voor de boemboe in een kom, achtereenvolgens; de knoflook, ui, gemberpoeder, laos, kurkuma, sambal oelek, honing, tamarindepasta. Meng het geheel tot een pasta. Ik wil de pasta niet al te fijn hebben, het moet een bite blijven houden. Dus gebruik ik een garde en geen keukenmachine.

Het vlees ligt inmiddels al een half uurtje buiten de koelkast om op temperatuur te komen. Meestal koop ik vlees in blokjes, nu niet. Het snijden van het vlees is wat meer werk, maar ook leuk om het zelf te doen. Dus het vlees in blokjes van ongeveer 3 cm. De blokjes gaan voor een kwartier in een ruime kom en worden ingesmeerd met wat tamarindepasta. Even goed omscheppen zodat de pasta goed in het vlees trekt.

In een pan met dikke bodem smelt ik de ghee en bak de boemboe een minuut of vijf. Als de boemboe begint te geuren voeg dan het vlees toe een bak deze lichtbruin. Wel een paar om en om scheppen voor een mooie verdeling tussen de boemboe en het vlees.

Dan is het tijd voor de slowcooker. Snijdt de stengels citroengras in drieën en plet deze met de achterkant van het groentenmes. Snijdt de santen in kleinere blokjes en leg deze op de bodem van de pan. Het vlees/boemboe-mengel gaat daar bovenop. Leg dan het citroengras, de laurierblaadjes en het limoenblad daar weer bovenop en druk deze iets in de massa. Als laatste voeg ik zo’n 75 ml melk toe. Deksel op de pan en de slowcooker gaat op ‘Laag’ voor acht uur. Af en toe omroeren zodat alles goed gemengd wordt. Houdt dan meteen in de gaten of de inhoud voldoende vocht heeft. Anders wat heet water toevoegen.

Stoofvlees Rendang Daging Sapi eten wij met sajoerboontjes en rijst.

Honing Soja Kip uit de slowcooker

Op ons tijdelijk verblijf beschikken we over een heel klein vriesvakje. Een deel daarvan is gereserveerd voor het vlees voor de honden. Een ander deel voor onze diepvries-boodschappen. Een klein vriesvakje betekent wat vaker naar Boer Jan om inkopen te doen. Dit keer hebben we kipdijfilet nodig voor Honing Soja Kip uit de slowcooker.

Aangekomen bij de boerderij hoor je de herdershonden luid blaffen. Ze zijn in de schuur als er klanten op het erf zijn. Jan vertelde dat gisteravond mensen op het erf zijn gekomen die ‘geld en eten’ eisten op een niet vriendelijke manier. Jan kwam net van zijn late dierenronde. Zonder bij na te denken rende hij naar de schuur en liet de honden er uit. Als er vijf luid blaffende honden op je af komen, blijf je niet staan. De overvallers hadden geluk dat de honden niet verder dan de ingang van erf gaan.

Aan de slag: Honing Soja Kip uit de slowcooker

Ingrediënten: 750 gr kipdijfilet, 4 teentjes verse knoflook, 3 uien, 115 ml tomatenpassata, 150 ml honing, 75 ml sojasaus, 1,5 tl mosterd, 3/4 tl chilipoeder, 3/4 tl groentebouillonpoeder, 3 el olijfolie, 2 el citroensap, 5 el water, 2 el arrow root, wat gemalen zwarte peper.

Na alle ingrediënten afgewogen en klaargezet te hebben kan het snijwerk beginnen. De ui en knoflook pellen. De ui in dunne halve ringen snijden en de knoflook heel fijn snipperen.

In een ruime mengbeker gaan achtereenvolgens de passata, honing, sojasaua, de olie en citroensap, de mosterd, kruiden en de peper. Tussen het toevoegen van de ingrediënten steeds goed roeren. Als laatste wordt de fijn gesnipperde knoflook toegevoegd. Het geheel nog even heel goed doorroeren.

Nu komt de slowcooker in actie. De halve ringen worden verdeeld over de bodem van de pan. Daarop wordt de kippendijfilet gelegd. De saus gaat over de kip en de rest. Zorg dat de kipstukken geheel ondergedompeld in de saus is. De slowcooker kan voor vier uur op de stand ‘Laag’.

Na vier uur is de Honing Soja Kip uit de slowcooker klaar en gaar. Om de saus wat steviger te krijgen de arrow root gemengd met water tot een mooi glad papje. Beetje bij beetje de arrow root in de slowcooker mengen tot de saus de juiste dikte heeft bereikt. Let er op dat verschillende merken arrow root anders kunnen reageren zodat je meer of juist minder er van kunt gebruiken.

Gestoofde sperziebonen

Regelmatig komen we bij Boer Jan op de boerderij. Het zijn warme dagen met temperaturen rond de 32 graden en vrolijk brandende zon. Jan heeft een kleine kudde koeien. Op verschillende plekken in de koeienweide heeft Jan schaduwplekken gemaakt, zodat de koeien in de schaduw kunnen liggen of staan. Wat doen die beesten? Die gaan midden in de weide op een kluitje liggen in de volle zon! Soms gaat er een of twee richting schaduw voor een tijdje. Vaak liggen de koeien echter gezellig bijeen in de zon. Kennelijk kiezen koeien wat het best bij hen past. Vandaag maken we gestoofde sperziebonen.

Ingrediënten: 700 gr sperziebonen, 1 el ghee, 1 tomaat, 1 grote ui, 1 bol soloknoflook, 1 el tomatenpuree, 2 tl gemberpoeder, 1/2 tl bouillonpoeder, zout en peper naar smaak.

Aan de slag met gestoofde sperziebonen

Zoals gebruikelijk begin ik met het voorbereidende werk. De sperziebonen afhalen; de puntjes er af knakken, de draad er uit en door midden. De ui en knoflook pellen en heel fijn hakken. De tomaat in plakken snijden en ook zo klein mogelijk hakken.

In de wok gaat de ghee om flink heet te worden. Heeft de ghee de juiste temperatuur dan gaan de ui en knoflook in de pan. Zijn deze glazig dan de tomaat toevoegen en een paar minuten mee bakken.

De volgende stap is het toevoegen van de sperziebonen, tomatenpuree en de kruiden. De sperziebonen mee bakken tot de bonen verkleuren. Dan zoveel water toevoegen dat de bonen net onder staan. Het vuur kan laag en de inhoud van de pan kan 1,5 uur pruttelen. Af en toe roeren en kijken of er voldoende vocht in de pan is. De bonen mogen niet boven het vocht uit komen.

Na 1,5 uur stoven kunnen we spreken van heerlijke gestoofde sperziebonen. We combineren gestoofde sperziebonen vaak met onze versie van honing soja kip.

In boter gestoofde asperges

We zijn een avondje met ons tweeën. Perfect om iets nieuws uit te proberen. Dit keer kiezen we voor een eenvoudige, maar heerlijke maaltijd uit de slowcooker. We pakken de kleine slowcooker erbij en gaan aan de slag met boter, asperges en een paar kruiden. Het resultaat? In boter gestoofde asperges.

Bij het koken van asperges in water gaat er vaak veel smaak verloren. Dit komt omdat de smaakstoffen in water oplosbaar zijn, waardoor ze tijdens het koken in het water verdwijnen. Maar als we de asperges in boter stoven, blijven die smaakstoffen precies waar ze horen: in de groente zelf. Het is een eenvoudige techniek die niet alleen de smaak van de asperges versterkt, maar ook een rijke, romige textuur toevoegt aan ons gerecht.

Ingrediënten: 400 gr asperges, 125 gr roomboter, 1/2 tl bouillonpoeder, 4 eieren, 4 plakken Parmaham, een snufje gedroogde basilicum of rozemarijn, drie stengels bosui, zout en peper naar smaak.

Aan de slag: In boter gestoofde asperges

We kiezen voor redelijk dunne asperges. Deze schillen en het houtige deel afsnijden. De schillen en het houtige deel bewaren voor later gebruik. Van de bosui een stukje afsnijden en het buitenste blad verwijderen. De bosui in dunne ringetjes snijden.

In de slowcooker gaan de asperges, de bosui, bouillonpoeder, boter en zout en peper naar smaak. De slowcooker ingesteld op ‘Laag’ en twee uur. Na deze twee uren even kijken of de asperges voldoende zacht, maar niet te zacht zijn.

De asperges opdienen met de botersaus, de eieren in plakjes gesneden en de Parmaham er keurig opgerold naast. Nog wat verse basilicum over de asperges gesnipperd. We combineren de in boter gestoofde asperges vanavond met lamskotelettenWat truffelmayonaise erbij is een goed idee.

Boer Jan en zijn Piëmontese rundvlees

Vandaag haalden we vlees bij boer Jan en zijn vrouw Marian. Vlees van Piëmontese runderen. Boer Jan is, wat hij zelf noemt, een kleine dierhouder. Hij laat een beperkt aantal runderen per jaar slachten. Dat betekent voor zijn klanten ‘op is op’. Boer Jan en zijn Piëmontese rundvlees.

Jan laat zijn koeien dekken door zijn eigen stieren. De kalfjes leven een zo natuurlijk mogelijk leven. Dan gaan de runderen op een zo ontspannen mogelijke manier naar de slager. Die verwerkt het rund ‘van kop tot staart’.

‘…Het Piëmontees ras levert een superieure vleeskwaliteit. Het donkerrode vlees heeft een fijne, stevige structuur en is erg mals. De smaak is subliem. Het vlees is bovendien vetarm en bevat een heel laag cholesterolgehalte…’

Gewoonlijk gaat vlees van Piëmontese runderen naar sterrenrestaurants. Boer Jan vindt dat iedereen dit luxere vlees moet kunnen kopen. Dus biedt hij zijn klanten vlees voor een eerlijke prijs aan. Die prijs is vergelijkbaar met wat een keurslager voor zijn gemiddelde assortiment vraagt. Betaalbaar voor de meeste mensen.

Omdat Jan een ‘kleine dierhouder’ is, is zijn klantenkring ook geperkt. Wie zijn klant is, heeft mazzel. Die kan genieten van heel mooi vlees voor een aangename prijs. En wij hebben die mazzel. Vandaag maken we stoofvlees met bier en mosterd. Uiteraard in de slowcooker.

Ingrediënten: 1 kilo riblappen, 3 uien, 2 bollen soloknoflook, 1 winterpeen, 1 el ghee, 4 laurierblaadjes, 4 kruidnageltjes, 1 tl gedroogde tijm, 3 plakken ontbijtkoek, 4 tl grove mosterd, 1,5 flesje bokbier

We beginnen met het voorbereidende werk. Alles afmeten, afwegen en klaar zetten. De riblappen op kamertemperatuur in redelijk forse blokken snijden. De uien pellen en in halve ringen en de winterwortel in dunne schijfjes snijden. De bolletjes soloknoflook worden na het pellen in grove snippers gehakt.

De blokjes vlees braden we aan in een grote pan met dikke bodem. Zijn de blokjes gekleurd, dat kunnen ze in de slowcooker. Nu is het de beurt aan de winterpeen. Een beetje ghee in de pan en de winterpeen en knoflook een minuut of vijf bakken op middel vuur. Halverwege gaat de tijm er bij om nog even door te bakken. Dan gaat de inhoud van 1,5 flesje bier bij het mengsel en het geheel verwarmen tot het gaat bruisen.

Ook dit mengsel gaat in de slowcooker. De plakken ontbijtkoek worden besmeerd met de mosterd en worden boven op de inhoud van de slowcooker gelegd. De kruidnagels in de laurierblaadje steken en ook in de pan.

Omdat riblappen een wat steviger structuur hebben stel ik de slowcooker in op ‘Laag’ en de tijd op acht uur. Ik mag niet vergeten om peper en zout naar smaak toe te voegen.

Duivels Rundvlees, Dagin Setan


Duivels Rundvlees, Dagin Setan

Ingrediënten: 1 kilo hacheevlees, 4 bolletjes soloknoflook, 1 el sambal Badjak, 1 el mosterdzaadjes, 1 el mosterd, 4 sjalotjes, sap van 1 limoen, 1 el azijn

Aan de slag: Duivels Rundvlees, Dagin Setan

Voordat ik aan het noodzakelijke snijwerk begin, haal ik het vlees uit de koelkast. Even wat zwarte peper er over en laten rusten is een kom. Ik gebruik hacheevlees, in blokjes gesneden door de slager.

De sjalotten en de knoflook ontdoe ik van de schillen en snipper ze fijn. De sjalotten en knoflook gaan in een ruime kom. De mosterdzaadjes worden fijn gemaakt in de vijzel en verdwijnen ook in de kom. Ik voeg de sambal, azijn, mosterd en ketjap toe. Nu is het zaak om het mengsel goed te roeren en te mengen.

Tijd om de vleesblokjes aan dit kruidenmengsel toe te voegen. Weer goed mengen en omscheppen zodat alle blokjes goed bedekt zijn. Hoewel niet nodig, maar ik laat dit geheel een minuut of 10 rusten. De smaken mengen zich beter.

in de wok verhit ik een el ghee. Eenmaal goed op temperatuur gaat het mengsel vlees/kruidenmengsel in de wok. Op hoog vuur bak ik het vlees voor een minuut of 5. Dan komt de slowcooker in actie.

Doe de inhoud van de wok in de slowcooker. Nog even verdelen en de slowcooker kan op ‘Laag’ voor een uurtje of 8. Her is belangrijk om af en toe te controleren of er voldoende vocht in de slowcooker is. Anders wat water toevoegen.

Zijn de 8 uren voorbij en de saus is iets te dun, voeg dan een papje van twee eetlepels arrow root met water toe. Even roeren tot de juiste dikte is bereikt. Tijd om de Duivels Rundvlees, Dagin Setan op te dienen.

Thaise rundercurry slowcooker

In het kader van stoofpot ga ik over de grens met Thaise rundercurry slowcooker.

Ingrediënten: 1 kilo hacheevlees, 1 grote ui, 2 bolletjes solo-knoflook, 70 gr rode currypasta, 2 el sesamolie, 2 el ghee, 200 gr kokosmelk, 2 stengels citroengras, 100 ml water, 1 tl groentenbouillonpoeder, 125 gr taugé, 700 gr sperciebonen, ? gr Basmatierijst

Lekker lui gebruik ik de voorgesneden hacheevlees van onze slager. Precies de goede maat en hoge kwaliteit. De knoflookbolletjes worden fijn gesnipperd. Daarna meng ik de knoflook, currypasta en de sesamolie tot een smeuïg geheel. Dit meng ik weer met het vlees. Dit mengsel gaat in een afgedekte kom voor een uur in de koelkast. Af en toe omscheppen om het goed te mengen.

Zo tegen de tijd dat het uur om is wordt de ui gesnipperd en het citroengras gekneusd. In de wok wordt de ghee op temperatuur gebracht. Het vlees en de uisnippers worden gebakken tot het vlees lichtbruin is. Dan kan alles, behalve de sperziebonen en de rijst, de slowcooker. Voor 8 uur op de stand ‘Laag’. Tot zo ver bereiding van de Thaise rundercurry slowcooker

Dit keer houd ik de sperziebonen apart van de inhoud van de slowcooker. De sperziebonen worden in ongeveer een uur tijd in de wok bereidt.  Daarvoor gebruiken  we een ui en een bolletje knoflook gesnipperd. Ook een tomaat wordt in kleine stukjes gesneden.

Een eetlepel ghee wordt in de wok heet gemaakt. Eerst gaan de ui en knoflook in de wok tot ze glazig zijn. Dan wordt de tomaatstukjes toegevoegd, gevolgd door een tl gemberpoeder. De schoongemaakte en door midden gebroken sperziebonen gaan ook in de wok op matig vuur. Regelmatig de bonen om scheppen tot zij verkleuren. Dan een halve tl bouillonpoeder met heet water toevoegen tot de bonen net onder staan. Regelmatig even kijken of er genoeg vocht in de pan is. Anders voorzichtig met heet water aanvullen.

Op het laatst kan rijst gekookt worden volgens de aanwijzingen op het pak. Zijn alle onderdelen van de maaltijd gaar, wordt de taugé toegevoegd aan de inhoud van de slowcooker. 

error: Het is niet toegestaan deze tekst te kopiëren
Geverifieerd door ExactMetrics